is toegevoegd aan je favorieten.

Warenwet 1919, S. No. 581

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 60 —

Schrijven van den Minister van Arbeid van 24 November 1920, n°. 143 D, Afd. V, aan Gedeputeerde Staten van Drenthe betreffende uitvoering Warenwet. (Bijv. Stbl. 1920, n». 245.)

's-Gravenhage, 24 November 1920. In verband met een mij door Gedeputeerde Staten der provincie Limburg te dezen aanzien gestelde vraag deel ik Uw college mede, dat naar mijne meening de Gezondhe;dscomm'ss;es n*et behoeven te worden gehoord door de Gemeentebesturen en den betrokken inspecteur van de Volksgezondheid niet behoeft te worden gehoord door Uw college bij de behandeling van verordeningen als bedoeld in artikel 6 der Warenwet (Staatsblad 1919 n°. 581), indien n.1. deze verordeningen niets anders bevatten dan hetgeen geregeld is bij de bij mijn schrijven van 7 Mei 1920, n°. 7391, Afd. Volksgezondheid (1) te Uwer kennis gebrachte concept-verordening, welke is opgesteld in overleg met de inspecteurs.

De Minister van A rbeid, voor den Minister, De Secretaris-Generaal, A. L. Scholtens.

Besluit van den oden Januari 1921, S. 5, tot uitvoering van artikel 6, 3de lid, en artikel 23, 3de lid der Warenwet (S. 1919, n°. 581). Wij WILHELMLNA, enz. Op de voordracht van Onzen Minister van Arbeid van 7 December 1920, n°. 148 D, afdeeling Volksgezondheid;

Gelet op de artikelen 6, 3de lid en 23, 3de lid, der Warenwet (Staatsblad 1919, n°. 581);

Gez en het advies van de Commissie bedoeld in artikel 17 dier wet;

Den Raad van State gehoord (advies van 21 December 1920, n°. 38);

Gelet op het nader rapport van Onzen Minister van Arbeid van 3 Januari 1921, n°. 265 D, afdeeling Volksgezondheid;

Hebben goedgevonden en verstaan te bepalen :

Art. 1. Bij den opslag van in beslag genomen waren wordt een gedagteekende staat opgemaakt, vermeldende den aard, de hoeveelheid, de verpakking, den toestand, de herkomst, de