is toegevoegd aan je favorieten.

Warenwet 1919, S. No. 581

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 153 —

Bijlage behoorende bij het Behangeelbesluit.

METHODE VAN ONDERZOEK. 200 cM'. behangsel of 100 oM8. meubelstof of gordijnstof worden in kleine stukjes geknipt en in een porceleinen schaaltje overgoten met 10 oM*. van een mengsel van gelijke volumina sterk zwavelzuur en sterk salpeterzuur. Het schaaltje met inhoud wordt zachtjes verwarmd, totdat de ontwikkeling van nitreuse dampen ophoudt; daarna wordt opnieuw zooveel sterk salpeterzuur toegevoegd, dat bij sterkere verwarniing de inhoud van het schaaltje in een dun vloeibare massa is overgegaan- Met salpeterzuur wordt vervolgens de inhoud van het schaaltje overgebracht in een Kjeldahlkolf. Onder voortdurend koken wordt zoolang salpeterzuur toegedruppeld, totdat geen verkoling meer optreedt, waarna men, zonder verder salpeterzuur toe te voegen, concentreert totdat witte dampen van zwavelzuur optreden. Nadat de vloeistof kleurloos is geworden, wordt afgekoeld en zeer voorzichtig 25 oM*. water toegevoegd. Vervolgens wordt de vloeistof quantitatief overgespoeld in een porceleinen schaal of een schaal van kwarts van 300 cM3., waarin eenige granaatjes voor het gemakkelfjÉfHUli1 dampen, zijn gebracht. Daarna wordt uitgedampt, waarbij het schaaltje tegen het einde in voortdurende schommelende beweging wordt gehouden en gelet wordt op het optreden van witte dampen van zwavelzuur. Treden deze op, dan wordt de verhitting gestaakt en na bekoeling en verdunning met water, nogmaals verhit, totdat weer witte dampen verschijnen. De vloeistof is dan in den regel salpeterzuurvrij. De afwezigheid van salpeterzuur wordt geconstateerd door een druppel van de verdunde vloeistof op diphenylamine-zwavelzuur te brengen.

De verkregen vloeistof wordt met water aangevuld tot 25 cM3.

Qualitatief wordt in 5 cM3. dezer vloeistof op de aanwezigheid van arsenicum als volgt gereageerd :

In een kolfje van 25 cM3. inhoud worden de 6 oM». vloeistof gebracht met een stukje zink,