is toegevoegd aan je favorieten.

Warenwet S. 1919, No. 581

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 298 —

bestanddeelen kunnen afgeven, die schadelijk I voor de gezondheid kunnen zijn of brood of I deeg kunnen verontreinigen;

c. gereinigd zijn met ander water dan bedoeld I in art. 7 onder g, behoudens het bepaalde in I het derde lid van genoemd artikel, iü;

6. 1. De bereiding, verpakking, behande- 1 ling, het vervoer ©f het ten verkoop in voor- 1 raad hebben van brood mogen :

a. uitsluitend geschieden op zindelijke wijze;* I

6. niet geschieden door personen, die lijden I aan zweren, etterende wonden of huidziekten I aan het hoofd, aan de handen en'of armen, voor I zoover deze personen met deeg of brood in I aanraking komen.

2. De bereiding van brood mag uitsluitend I geschieden door personen, wier hoofd, handen I en armen schoon zijn.

3. Bij vervoer van brood op den openbaren I weg moet het brood op deugdelijke wijze be- I veiligd zijn- tegen stof, vuil en insecten.

7. 1. De bereiding, verpakking of behandeling van brood mogen slechts geschieden in ruimten, welke :

o. niet dienen als slaap- of woongelegenheid I of als stal of tot berging van dieren en welke I van ruimten, die voor deze doeleinden gebruikt I worden, deugdelijk zijn afgescheiden;

4. deugdelijk zijn afgescheiden van mestvaalten, beerputten, privaten, urinoirs en riolen; I

c. voldoende schoon gehouden en gelucht I zijn;

d. voldoende verlicht zijn; - ;'

e. geen waren of artikelen bevatten, welke onaangename geuren verspreiden, tenzij deze I waren en artikelen zoodanig zijn afgesloten, I dat verspreiding van geuren wordt voorkomen; I

/. voorzien zijn of in de nabijheid liggen van I

* Onder art. 7 van het Broodbesmit. 1922, S. 221. beDalende. dat ..de bereiding, verpak-1

king, bewaring, behandeling of het vervoeren van brood mogen uitsluitend geschieden op j zindelijke wijze valt niet het uitstallen van i brood op onzindelijke wijze. Dit is derhalve 1 niet strafbaar krachtens art. 4 der verordening i van waren der gemeente 's Gravenhage, dat t strafbaar stelt o. m. „het uitstallen van waren h .... ten aanzien waarvan niet voldaan is of I wordt aan de eischen, gesteld krachtens dei Warenwet." (Rechtb. 's Gravenhage 5 April 1 1923, N. J. 1924, blz. 272.)