is toegevoegd aan je favorieten.

De statistiek

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VI. — Res. V. v. V. no. 1567. — §§ 54—59. 171

giften voor een te hoog bedrag aan statistiekzegels is geplakt en met de aangegeven waarde geen genoegen wordt genomen (a). Voor de aangiften, model I zal deze kennisgeving echter door de visiteerende ambtenaren moeten worden gedaan, waarvoor het stellen van een aanteekening op de verklaring Statistiekrecht no. 5 (zie § 52) het meest eenvoudig voorkomt.

(a) Dit kan in verband met § 1 der res. V. v. V. no. 1600 (zie onderdeel VII van dit werk) alleen nog voorkomen bij uitvoer van goederen met restitutie of afschrijving van den accijns.

§ 55. De terugzending van een op grond van art. 12, eerste ahnea, in handen van den Inspecteur gesteld beroepschrift aan den Voorzitter van den Raad van beroep geschiedt steeds zoo spoedig mogelijk.

§ 56. De Inspecteur doet van de te zijner kennis gebrachte uitspraak van den Raad van beroep of — indien geen beroep bij dien Raad meer is te wachten — van zijne beschikking, zoo spoedig mogelijk mededeeling aan den Ontvanger, te wiens kantore of onder wiens kantoor de aangifte is gedaan, met opgaaf van het meerder statistiekrecht en de verhooging, welke dientengevolge verschuldigd zijn (1).

In het geval, bedoeld in § 48, wordt, met afwijking van het vorenstaande, deze mededeeling gedaan aan den Ontvanger, onder wiens kantoor de beoordeehng der waarde is geschied. Deze Ontvanger vordert dan de deswege verschuldigde bedragen in op den voet der volgende paragraaf, zoo noodig door tusschenkomst van zijn ambtgenoot, onder wiens kantoor de aangever der goederen woont of gevestigd is.

Ook indien de Inspecteur de meening der visiteerende ambtenaren, dat de waarde te laag was aangegeven, niet deelt of de uitspraak van den Raad van beroep niet gepaard gaat met verantwoording van meerder statistiekrecht en verhooging, moet daarvan mededeeling aan den betrokken Ontvanger worden gedaan (2).

1. Zie aant. 2 op § 54 hiervoor.

2. Verg. § 60 hierna.

§ 67. De Ontvanger noodigt den aangever schriftelijk uit tot betahng der blijkens de kennisgeving van den Inspecteur verschuldigde bedragen binnen den tijd van veertien dagen, bij gebreke waarvan ingevolge art. 17 der wet tot invordering bij parate executie moet worden overgegaan.

§ 58. Evenzoo wordt door den Ontvanger gehandeld tot inning van het meerder statistiekrecht en de verhooging, die tengevolge van de toepassing der Waardewet 1906, S. no. 216 alsnog zijn te voldoen.

§ 69. De betaalde bedragen wegens meerder statistiekrecht en verhooging worden verantwoord in het register Statistiekrecht no. 6, waaruit eene quitantie aan den belanghebbende wordt afgegeven.- (Zie §§ 19 en 20) (1-3).