is toegevoegd aan je favorieten.

De Algemeene Wet over de heffing der rechten van in-, uit- en doorvoer en van de accijnzen, alsmede van het tonnegeld der zeeschepen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HOOFDSTUK XX. — Aitt. 230—231.

527

Toute transaction est interdite, si la contravention doit être considérée comme pouvant être suffisament prouvée en justice, et si on ne peut douter de Vintention de fraude préméditée.

1. Transactie is dus, naar het schijnt, toegelaten, ingeval geen afdoend bewijs ter gerechtelijke veroordeeling aanwezig is.

Zie, nopens het buiten gevolg stellen eener bekeuring, in het geval deze blijkbaar niet op de wet gegrond is, § 1 der res. V. v. V. no. 1462 in aant. 7 op art. 229.

2. Ook blijkens art. 229 is transactie uitgesloten, indien de overtreding moet worden toegeschreven aan opzettelijke fraude.

Art. 231. Alle kooplieden, trafikanten, fabrikanten, neringdoende lieden, schippers, voerlieden en verdere personen (1—2), welke, wegens hunnen handel of bedrijf, en particulieren, welke, wegens hunne bij-, zondere zaken in eenige betrekking zouden mogen staan met de Administratie (3—6), zullen te dezen aanzien verantwoordelijk zijn (7—8) voor de daden van hunne bedienden, arbeiders, knechts (9) of verdere door hen bezoldigde personen (10—14), voor zooverre die daden tot het door hen uitgeoefend bedrijf betrekkelijk zijn (15—23).

Wanneer zoodanige kooplieden of andere hierboven breeder opgetelde personen bekeurd mochten worden (24—26), ter zake van fraude of andere overtreding (27) dezer wet of der bijzondere wetten (28), en zijlieden tot hunne verontschuldiging zouden willen beweren dat zulks door hunne bedienden, knechts of arbeiders, buiten hunne kennis (29), is geschied, zullen zijlieden (30—31) desniettemin, en ondanks hunne onbewustheid der daad (32), de boeten verbeuren (33—39) op dusdanige overtredingen gesteld (40—41).

Tous négociants, fabricants, traficants, commercants en detail, hoteliers, voituriers et autres personnes, qui, rélativement d leur commerce ou profession, et les particuliers qui, concernant leurs propres affaires, auraient quelques relations avec Vadministration, seront, sous ce rapport responsdbles des faits de leurs employés, ouvriers, domestiques ou autres personnes salariées par eux, pour autant que ces faits seraient relatifs d la profession qu'üs exercent.

Dans le cas ou les négociants ou autres personnes, plus amplement dénommées ci-dessus, seraient repris pour fraude ou autres contraventions d la présente loi ou aux lois spéciales, et qu'ils voulussent avancer, pour leur justification, que la dite fraude ou contravention aurait eu lieu par leurs employés, domestiques et ouvriers, sans qu'ils en eüssent connaissance, ces premiers riencourront pas moins et sans égard d leur ignorance du fait, Vamende prononcée contre les dites contraventions.

1. De vennootschappen (a—b) en reederijen zijn voor de daden van haar bestuurders, boekhouders, bedienden, arbeiders, knechts of andere personen in haar dienst aansprakelijk op den voet van art. 231 der Alg. wet met betrekking tot alle overtredingen van de wettehjke bepalingen omtrent den in-, uit- en doorvoer en de accijnzen. Art. 13 der wet van 4 April 1870, S. no. 61, V. v. V. no. 70III; zie bijl. A.

la) Art. 13 der wet van 1870 heeft uitsluitend betrekking op naamlooze vennootschappen en reederijen (zie aant. 38). Deze zijn dus, op den voet van art 231 der Alg. wet, strafrechtelijk aansprakelijk voor de daden van anderen.