is toegevoegd aan je favorieten.

Beginselen van Nederlandsch administratief recht

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

INHOUD

XIII

Bladz.

begrooting. Landarbeiderswet, bijzondere rechtsfiguur. Beslissing bij voorbaat. Intrekking goedkeuring. Goedkeuring voor bepaalden tijd. Goedkeuring bij intrekking van besluiten. Formaliteiten, aan de beslissing voorafgaand. Voorafgaande machtiging. Artikel 127 der Gemeentewet. Hooger beroep. Regeling der Waterstaatswet 1900.

HOOFDSTUK VI.

HOOGER BEROEP 212

Organen, die in hooger beroep oordeelen. De Gemeenteraad. Gedeputeerde Staten. Feitelijke vragen in hooger beroep. Rechtsvragen in hooger beroep. Waarborgen voor juiste behandeling van het beroep. Instructie voor Gedeputeerde Staten. Beroep van ambtelijke beslissingen. Beroep op den Minister. Gemis waarborg eener instructie. Beroep op de Kroon. Taak Raad van State. Inhoud en gevolgen der beslissingen in beroep. Vaststelling der vereischte regeling bij uitoefening van het goedkeuringsrecht. Beroep tegen negatief besluit.

HOOFDSTUK VII.

VERNIETIGINGSRECHT 246

Doel en grondslag. Organen. De wetgever. De Kroon. Artikel 150 der Gemeentewet. Radenwet. Gedeputeerde Staten. Algemeen belang als grond voor vernietiging. In artikel 22 der Waterstaatswet 1900. Gevolgen van vernietiging. Het reeds ingetrokken besluit van Ede. Baronielaankwestie. Strijdvraag artikel 168 Provinciale wet. Artikel 7 der Woningwet. De Warenwet en de Vleeschkeuringswet. Uitvoering Radenwet. Bezwaren der gemeenten tegen constructief vernietigingsrecht. De electrische centrale te Utrecht. Mag vernietiging worden nagelaten, als strijd met de wet vast staat? De wethoudersbenoemingen te Utrecht. Schorsingsrecht.

HOOFDSTUK VIII.

BESLISSING VAN ADMINISTRATIEVE GESCHILLEN NIET DOOR

DE ADMINISTRATIE ZELVE

276