Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

69

japon op haar bed te huilen van pijn en narigheid.

„Ja, doe dat maar Miep," zei Aal ook, „dan zal ik 't nog wel eens vanmiddag voor je probeeren, als je thuis komt!".

,,'t Geeft toch niet, 't gaat er niet uit," riep Miep wanhopig.

„Ik zal alles voor je nakijken, misschien vind ik er wel wat in een of ander boek over. Toe begin nu, Miep!"

„Maar ik kan toch zoo niet naar school en wat zal Moeder zeggen?"

De zusjes zwegen en zagen elkaar aan. Ze wisten niet hoe Miep te helpen, want dat Moeder er kwaad om zou zijn, dat was zeker.

„Weet je wat," raadde Jopy toen, „je bent toch eigenlijk veel te laat, dus zal ik naar binnen gaan en je boterham hier halen. Je komt alleen even goeiendag zeggen met je hoed op. Dan behoeven we er nog niets van te zeggen en vanmiddag als Aal alles er voor je heeft uitgehaald, vertellen we 't pas. Dan zal je licht geen standje krijgen!

„Goed," zei Miep en stond langzaam op.

Aal en Jopy gingen heen en Jopy bracht Miep gauw haar boterham.

„Wat zegt Moeder?" vroeg Miep, rood van haast en inspanning.

„Dat zooiets niet meer gebeuren mag, wacht, zal ik je helpen bij je japon?"

Miep was in 'n ommezientje klaar, Jopy haalde haar hoed en mantel.

„Zoo, doe gauw aan en kom dan mee."

„Hoe laat is 't?"

„We moeten hard loopen," zei Joop, „maar dat hindert niet, dat moeten we toch altijd."

„Dag Moeder," riep Miep om 't hoekje van de deur en was blij dat ze met Jopy op straat was.

„Hoe moet 't nou op school," zuchtte Miep

Sluiten