Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Ik wensen u het beste," zei ik, en ik keerde met een hoofd vol gedachten naar huis terug. Wat ik gehoord had, was wel geschikt om mij in een ernstige, maar niet in een aangename stemming te brengen, en ik voelde behoefte, om er in alle stilte eens over na te denken. Ik zocht daarom het schuurtje op en ging in de eenzaamheid, want Moeder deed een wandelingetje in de buurt, op mijn nest liggen. Zou het toch inderdaad mogelijk zijn, dat ik eenmaal tot trekhond kon dalen? En zou men mij, als ik oud en afgeleefd was, onbarmhartig een steen om den nek binden en dan in een sloot werpen? Neen, dat kon en wilde ik niet gelooven, — maar toch, had ik niet meer dan eens afschuwelijke voorwerpen in het water zien drijven, die — hu, dat was verschrikkelijk! Doch ik had gelukkig een goeden baas, die wel nooit op zulk een wijze met mij zou handelen.

Terwijl ik zoo dacht, trad Walters het schuurtje binnen. Ik sprong overeind en ging hem blaffend en kwispelstaartend tegemoet, om te doen zien, hoe lief ik hem had, want ik was werkelijk zeer aan hem gehecht. Doch

44

Sluiten