Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

45

kent, dat we ons zullen verdedigen tot alle zouaven zullen zijn weggeruimd, met andere woorden, dat er zal gevochten worden zoolang als er nog één zouaaf is.

De andere troepen hebben die vaandels niet; die zijn niet, zooals wij, enkel en alleen hier om de zaak van onzen godsdienst te verdedigen."

VI. MONTE-LIBRETTI.

In een van" de brieven, die we in 't vorige hoofdstuk aanhaalden, hoorden we Pieter reeds in 1866 zinspelen op de mogelijkheid, dat nog in datzelfde jaar Rome door de vijanden zou aangevallen worden.

Dit gebeurde echter niet. Maar dat lag zeker niet aan den rooverkoning Victor-Emmanuel en zijn trawanten. Die hadden graag genoeg gewild, maar de omstandigheden beletten het hun. Ze moesten dus, zin of geen zin, nog maar geduld oefenen. Maar hun vriend en helper Garibaldi konden ze toch al wel vast aan 't werk zetten. Vooral in 't jaar 1867 begon die zich druk te roeren. In 't begin van de maand October lag hij met een sterke troepenmacht dicht bij de grens van den Pauselijken Staat en loerde er op, om een paar sterk gelegen plaatsen in z'n macht te krijgen, „te bezetten" zooals men dat noemt. Als hij die had, kon hij gemakkelijk dieper in het land doordringen. Maar de aanvoerders van de Pauselijke troepen waren tijdig ingelicht en hadden hun manschappen over verschillende plaatsen verspreid. Te Monte-Rotondo b.v. bevond zich een afdeeling van ruim 100 man, en hierbij behoorde ook Pieter Jong. Allen brandden van strijdlust. „Als ik met de Garibaldisten te doen krijg," had Pieter gezegd, „sjonges, wat zal ik er onder slaan!" Hij zou er gauw gelegenheid toe krijgen.

De i3°e October van 't jaar 1867 was een Zondag. In den voormiddag ontvingen ze een schriftelijk bevel van den hoofdaanvoerder, luitenant-kolonel de Charette. Ze moesten nog dienzelfden dag naar Monte-Libretti gaan, dat door de Garibaldisten bedreigd werd, misschien zelfs al bezet was. Luitenant Guillemin, die aan 't hoofd stond van de afdeeling te Monte-Rotondo, deelde onmiddellijk het bevel aan z'n manschappen mee, die met den uitroep : „Leve Pius IX !" naar hun wapens snelden en zich gereed maakten voor den tocht. Maar de aanvoerder, die door z'n volkje

Sluiten