Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

«3

En Melia, die den rijkdom uit hare kast weg gaf aan een paar kinderen uit de buurt, had dezelfde gewaarwording als Kees, toen hij aan den eigenaar van den bok en bokkenwagen zeggen ging, „dat zijne Mevrouw van den koop afzag."

Zoo zijn er menigmaal dingen in ons leven, waartegen we vooringenomen zijn, als we ze niet kennen en die, als we ze kennen, niet alleen onze sympathien hebben gewekt, maar bij 't verhezen een blijvenden indruk achterlaten.

VII.

De oude heer Dorzig werd bij den dag magerder en, zooals men dan wel eens uit aardigheid pleegt te zeggen; stijver ook. Wie hem 's morgens zag gaan naar of 's middags zag komen van het gemeentehuis, vond de vergelijking met een stok niet ongepast.

Toch, wie hem kon gadeslaan op zijn bureau, als hij daar menigmaal over zijn werk gebogen met het hoofd in de hand neerzat, nadenkend en peinzende, 'tvoorhoofd gegroefd met diepe voren, zou zeker meelijden hebben gekregen met hem en wel vermoed, dat dit mager worden geen andere oorzaak had dan zorgen.

Dat was zijne dochter Sientje in den laatsten tijd ook wel opgevallen. Al had ze haren vader ook nooit als een spraakzaam man gekend, zoo stil als in den laatsten tijd had ze hem nog niet eerder gezien.

Sluiten