is toegevoegd aan uw favorieten.

Het zonnetje van binnen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

lor

voor later en buitendien — ik kon Sientje niet alleen laten

zitten maar nu jij Ik zal je niet weer in de rede

vallen."

„Nu, dat zal ik je zeggen. — Ik heb gisteren mijne acte gehaald als hulponderwijzeres en Mama wist er niets van, dat ik mijn examen doen zou en nu vond Tante het zoo alleraardigst, (ik had toch al lang plan gehad en heel veel lust, om eens naar huis te gaan), dat Tante zei: „Pak nu je koffertje maar gauw en ga 't Mama maar zelf eens vertellen, wat je door je ijver en je studie hebt verkregen; je moogt nu wel eens wat rust hebben." Nu begrijp je, ik Het me dat geen tweemaal zeggen, maar pakte mijn koffertje en ging van morgen op reis. En nu hadt jè dat gezicht van Mama en de anderen eens moeten zien en hier van Frits" — en meteen pakte ze den jongen en drukte hem een kus op de wangen. „Frits wou me direct wel weer de deur uitslaan, 't Is niet waar, jongen ?"

„Neen!" lachte het kleine ventje gelukkig — „neen, zeker niet!" „Ik vind het heel aardig," zei Louize. „En nu je acte al, wat knap van je." „En 'tbevalt je goed bij uwe Tante?" „Heel best!" zei Kristien. ,,'t Was me er in den beginne wel wat stil aan huis."

„Ja, je Tante is immers zoo ernstig en zoo vroom?" „Neen, niets overdreven, Tante is een flink, degehjk, aardig mensch, van wie ik bijzonder veel houd. Ze doet volstrekt niets voor den schijn. Wat ze doet, dat meent ze oprecht en hoe meer je haar leert kennen, hoe meer men van haar leert houden. Je weet, Agnes is, voor ze naar de kostschool ging, bij me gelogeerd geweest, maar die moest je hooren over haar."

„Daar was hier anders al een heel praatje," viel Sientje