Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

27

lezen der Schrift, deze woorden haar hart getroffen en haar veel onrust veroorzaakt hadden; het was haar een bijna onverdragelijke gedachte, dat zij, indien al niet voor God, dan toch voor de menschen huichelde, heimelijk in Gods Woord las, en als een dief in de kerk sloop: maar zij durfde er niet aan denken, welk een opschudding het geven zou, als zij dit aan haar vader openbaarde.

„Naar het oordeel der wereld, naar andere menschen, vraag ik in 't geheel niet," zei Thirza, „maar mijn vader! de arme man heeft niemand in de wereld dan mij! En ik heb hem nu in datgene moeten afvallen, wat hem het heiligst is. Hij zal mij verstooten, dat weet ik, zoodra hij hoort, dat ik Christin ben. Hij zal mij vervloeken. O! ware het slechts om het uitwendige te doen; dat zou ik kunnen verdragen. Verstiet hij mij uit zijn huis, ontnam hij mij zijn vermogen, ik wilde gaarne armoe en gebrek lijden; maar dat mijn teergeliefde vader voor mij zijn hart zal sluiten, dat is mij te zwaar!"

Thirza weende en Maria met haar.

De predikant gevoelde diep de zwaarte van het offer, dat de Heere van haar eischte; maar betuigde, hoe de Heere niets vraagt, wat Hij ook niet geeft, en dat Hij nooit boven vermogen verzocht laat worden. Hij hield haar de beslissende uitspraak des Heeren voor: „Wie vader of moeder lief heeft boven Mij, is Mijns niet waardig."

Dat woord gaf den doorslag in het hart der jonge-

Sluiten