Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

44

zij onvermoeid iedere beweging van den beminden zieke gade, en was zij bezig met hem nu eens verkwikking toe te reiken, dan weer zijn kussens goed te leggen, en waar en wanneer het noodig was, hem te dienen.

De eerste nacht aan het ziekbed haars vaders was voor haar bijzonder gezegend en gewichtig, dewijl zij zich herinnerde, dat het de gedachtenis aan den lijdensnacht des Heeren was. Daar zat zij in de stilte der ziekenkamer, alleen met haar Bijbel; zij las de lijdensgeschiedenis met een belangstelling, als nooit te voren; zij was in den geest in Gethsémané, en werd gezalfd met de vreugdeolie des Geestes. De rijke zegen van den nacht maakte haar ook de ontbering minder zwaar, toen zij op Goeden Vrijdag het gelui der klokken hoorde, en met verlangen aan de kerk in de voorstad dacht. Zij wilde echter niet wijken van het ziekbed, In het begin sprak haar vader niet met haar; zij sloeg echter zorgvuldig acht op hem, en las eiken wensch in zijn oogen. De kranke gevoelde het groote onderscheid tusschen de verpleging zelfs van den trouwsten dienaar en die eener liefhebbende dochter. Soms vroeg hij haar het een en ander; dankte een enkelen keer voor een dienst; doch begon anders geen gesprek, wat ook Thirza niet zocht. Zij was zeer tevreden, dat zij bij haar vader mocht zijn en hem oppassen; ja vaak kreeg zij de vrijmoedigheid, om in deze omstandigheden, welke zij als een geschenk Gods beschouwde, een onderpand te zien, dat

Sluiten