Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

79

Maar nu was de zaak dan toch zóó in orde, dat hij er tevreden over kon zijn. De heer Hanselen, die ook in de stad was natuurlijk, had hem er overigens zoo goed als alleen voor laten opkomen. Nu, daar was hij maar blij om. Inderdaad, de man had heelemaal geen begrip van kunst, en in het algemeen genomen stemden ze ook als karakters zoo weinig overeen, dat ze als van zelf hunne ontmoetingen maar tot het allernoodzakelijkste bepaalden. En Hanselen liet hem de vrije hand, vertrouwde rustig op zijn smaak, en bepaalde er zich toe, om gedurende de voorbereiding zoo nu en dan maar eens te komen kijken. Het eenige aandeel dat hij in deze voorbereiding genomen had, was dit geweest: Hij had geëischt, dat midden in de zaal, waar „Levensleed" hing en juist tegenover dat stuk, een paar divans zouden worden weggenomen. Hij was nog in onderhandeling over den aankoop van een beeldgroep, had hij gezegd, — en wanneer hij die bemachtigde, wou hij haar daar hebben. In de laatste dagen echter had Flip hem er niet meer over hooren praten. Het was dus zeer wel mogelijk, dat er ten slotte toch niets van gekomen was.

Gedurende heel de voorbereiding was Flip opgewekt aan den arbeid geweest. Nu alles klaar was, en de opening op handen, voelde hij zich weer neergedrukt en somber. Hij had geen zorg meer voor zijn dagelijksch brood, hij onderging allerlei prettige en nieuwe indrukken, maar hij was schrikkelijk alleen. Geen mensch, dien hij hier kende, niemand die zich aan hem gelegen liet liggen. Hanselen ging zijn eigen wegen, logeerde zelfs niet met hem in hetzelfde hotel. En die was ook waarlijk niet de vriend, dien hij zocht. Wanneer iemand van de vele, vele voetgangers, die met hem in dezelfde richting gingen, of van hen, die hij tegenkwam, hem had aangesproken, dan zou hij zich stellig stug, en met zoo weinig mogelijk woorden van den man hebben afgemaakt. En toch hunkerde hij naar wat hartelijkheid, naar

Sluiten