Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ACH, WAT WAS DAT NAAR!

Aaltje staat in de keuken. Ze is bezig, de vaat te wasschen en af te drogen.

„Aaltje, Aaltje," hoort ze roepen. „Wéét je *t al? We hebben een broertje gekregen."

>Ja> Ja/' lacht Aaltje» „Mevrouw heeft het verteld, zijn jullie blij?"

„Nou en óf," zegt Wil en Til knikt zoo hard van ja, dat haar krullen op en neer dansen.

„En hij heet Henkie," schreeuwt Wil.

„St, st, jullie grootmoeder slaapt, denk er om, hoor," waarschuwt Aaltje. „Je moet niet zoo hard praten Wil. Gaan jullie liever buiten wat spelen met je pop, 't is zulk lekker weer. Maar niet gillen hoor! Vooruit, zoet spelen."

„Nee, niet met de pop," stribbelt Wil tegen.

„Speelde jij vroeger altijd met poppen?"

„Ik had zoo'n mooie niet als jullie," zegt Aaltje, „ik had maar zoo'n houten, met een geverfd gezicht. En haar neus was er af. Maar toch hield ik er veel van.

En ik speelde er graag mee."

De zusjes gaan den mooien tuin in, waar 't

15

Sluiten