Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

12

„Stille nacht, heilige nacht,"

klonk het. Wat deden ze hun best dit „zachtjes" te zingen.

„Niet schreeuwen jongens, het is een „stille nacht", had ze menigmaal moeten zeggen.

De bezoeker scheen het echter niet te hooren, maar stond als in gedachten verdiept op den drempel der slaapzaal.

Eindelijk deed hij een vreemde vraag.

„Ik heb gehoord, dat er hier in het Tehuis zoo'n mooi groot boek in leeren band moet zijn, indertijd door den stichter aan de inrichting geschonken, om er de namen der jongens in te boeken. Zou U er bezwaar tegen hebben, als ik dit zag?"

Wat kan men nu een bezoeker weigeren, die zoo vriendelijk de kinderen is komen verrassen met keur van Kerstgaven?

Met de noodige voorzichtigheid nam Zr. van Walen dus het boek uit de kast en legde het op tafel. Zij maakte den bezoeker opmerkzaam op den mooien leeren band en den rooden rug met de gouden letters, op het eerste

Sluiten