Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De kleine Spion.

m.

Toen ze weer in 't open veld waren, liepen de jongens hard terug. Hun zak was vol met aardappels, die ze van de Duitschers hadden gekregen; dus lieten de vrijschutters hen ditmaal ongehinderd door. Ze waren bezig, zich op den aanval voor te bereiden. Troepen kwamen in alle stilte aangemarcheerd.

De oude sergeant gaf zijn bevelen, met een vroolijk gezicht. Toen de kinderen voorbij kwamen, herkende hij hen, en lachte hen vriendelijk toe. O, wat deed dat den kleinen Stenne verdriet! Hij had wel willen roepen: „Ga niet! We hebben jullie verraden I" — Maar de andere jongen had gezegd: „Als je durft te klikken, worden we gefusilleerd." En hij durfde niet.

In Courneuve gingen ze een verlaten huis binnen, om het geld te deelen. Ze kregen ieder eerlijk de helft; en toen hij de blinkende zilverstukken in zijn zak voelde en dacht aan het spel, waaraan hij nu kon meedoen, vond de kleine Stenne het niet meer zóó erg, wat hij gedaan had.

Maar toen hij eerst alleen was! — Toen ze de poort door waren, en de groote jongen zijns weegs was gegaan, toen voelde hij die hand op zijn hart weer; en zijn zakken wogen zoo zwaar.

Parijs leek wel veranderd. De menschen die hem tegenkwamen, keken hem aan alsof zij wisten, waar hij vanin Knop, V.

Sluiten