Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Eddy: Zeg meid, wat verbeeld jij je wel? Denk je dat je hier maar kan zeggen wat je wil?

Jan: Wie zal me dat beletten? (grijpt naar haar wamg) Heeregrutten, daar heb je weer zoo'n judaskneep!

Teddy: We zullen 'n klacht over je indienen bij je patroon!

Jan: Ha! Over de piccolo óók al, hè? Moet je de „kapsones" meemaken van zoo'n stelletje uilskuikens!

Edd^: Meid!! Je hoéft ons niet te bedienen. Ik zal wel aan Kee vragen, of zij 't wil doen.

Jan: Ach kom, maak met nüjn nou de kachel niet an!

Teddy: Wat?

Jan: Meneer of mevrouw zullen daar klachten gaan afwachten van 'n paar kinderen! Om je 'n kacheltje te lachen! Au! Daar krijg ik weer zoo'n steek van m'n kop tot an m'n teenen! Nou, ga 't maar aan Kee vragen, hoor! Je kan door de tuin in de keuken komen; daar is ze. (af)

Teddy: Bat personeel hier. is verschrikkelijk slecht gedresseerd.

Eddy: Afgrijselijk!

Teddy: Echte boerenkaffers, hoor! Kom, we gaan naar de dienstbode; ik wil die kamerkat niet meer zien!

Eddy: Ja, ik ga mee. (samen af in de tuin. Stem Eddy: „Kijk, daar loopt ze in de tuin! Kee! Kee! Luister es even, zag!")

31

Sluiten