Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

102

hammen en den lekkeren kroes melk en ze waren nog heelemaal frisch,om nog na dien broodmaaltijd een eindje te loopen.

Dan gingen ze naar den wittewijyenkuil, een grooten kuil in de heide, ongeveer vijf minuten van het kamp. Waarom ze dien kuil zoo hadden genoemd, wisten ze zelf niet. Ze vonden het een mooie naam, een beetje spookachtig en griezelig en dat was al voldoende.

Onderweg hadden zij takken gesprokkeld en met de armen vol dood hout waren zij dan in den kuil afgedaald en hadden daar alles op een hoop gegooid. Dan gingen ze tegen de glooiende wanden zitten. Mijnheer Poot stak dan het droge hout aan en dra kringelde rook omhoog en dan vlammetjes, die grooter en grooter werden en een wonderen schijn wierpen op die blijde jongensgezichten. Dan zongen zij alle liederen, die ze kenden, of een der jongens speelde op zijn fluit een klagende en sleepende wijs, die hun de tranen in de oogen bracht en hen

Sluiten