Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

107

Ben had ondertusschen z'n heele pet vol zandkluitjes geraapt. Toen sprong hij plotseling uit de loopgraaf en ging den vijand te lijf. „Nu moet jullie allemaal dood!" riep hij en begon te gooien voor geweld.

Maar zelf had hij een kogel op z'n neusje en een tegen z'n kin.

„Hier Ben, je bent dood!" riep Truus.

„Neen, niet dood!" riep Ben. „Ik wil niet dood zijn."

Dezen keer was er niets aan te doen. Ben wou niet dood zijn, al gingen ze ook allemaal op d'r kop staan. Alle jongens hadden er pret in en ze lieten Ben winnen.

„Onze dikke majoor heeft het gewonnen," zei Jan, en Ben bleef den heelen dag majoor.

Terwijl ze vroolijk naar huis gingen, zagen ze plotseling een lief muisje, dat vlugjes over de hei trippelde, 't Was een erg mooi beestje, van boven bruingeel en van onder sneeuwwit. Allemaal zaten ze 't achterna, maar niemand durfde het pakken, want ze waren bang, dat het bijten zou. Opeens vloog de dappere Ben erop af en pak!.... hij had het mooie beestje te pakken.

„Kijk eens, wat een lief diertje," zei hij en hij streelde 't ding over z'n pelsje. Het muisje beet niet en krabde niet, maar 't keek de jongens schuw aan met z'n heldere oogjes. Gelukkig had Jan een busje in den zak, waar ze den gevangene in

Sluiten