Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

56

OVERIJSEL (1630).

Titel VI. Van successiën ofte verervinge ab intestato.

Natuurlijke kinderen erven van en doen vererven op hun moeder en moederlijke verwanten.

179. II. Onechte ofte natuirlyke kinderen, geboren van ouderen, die met malkanderen in rechten onverbodenen echtschap hadden mogen versameien, sullen haere moeders ahnge vrye eigelyke goederen erven, als ook de goederen van hares moeders bloetverwanten, dewelke vrienden ende bloetverwanten van gelyken sullen succederen ende komen tot alsulker natuirlyker ende onechter kinderen nagelatene goederen, indien sy sonder geboorte aflyvig worden.

Sterft iemand kinderloos, dan erft eerst de naaste in 't bloed van. de opgaande lijn, zonder dat gelet wordt op de herkomst van 't goed (3); doch als de ouders der erflaters zijn overleden, heeft er kloving plaats in een vaderlijke en moederlijke lijn en vererft het goed in staken en niet hij hoofden (4).

178. III. Als jemant versterft, sonder kinderen ofte andere descendenten na te laten, sullen de vader en moeder eerst succederen in des overledens nalatenschap, ende daerna voorts opgaende, de naeste in den grade ofte bloet sullen de naeste wesen tot het goet, sonder consideratie te nemen van waer 't selve goet herkomt.

178. IV. Indien daer ouderen zyn, van beide des vaders ende moeders zyde in de opgaende linie, na het versterf van vader ende moeder, in gelyken grade (alhoewel in ongelijk getal) sa sal men de erfnisse leggen in twee gelyke gedeelten ende die verdeelen in stirpes, maer niet in capita, namelijk dat het eene deel op des vaders zyde, ende het ander deel op de zyde van de moeder sal vererven.

Als ouders der erflaters met diens broers en zusters opkomen^ dan erven zij bij hoofden. Halve broers en zusters erven dan echter niet mee, tenzij er geen volle broers of zusters zijn; voor dit geval krijgen zij een halve portie.

178. V. Daer 't gebeurde dat met de ouderen in de opgaende linie quamen te concurreren des verstorven volle broeders-

Sluiten