Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

282

kwartier van nijmegen (1686).

den richter ende twee schepenen of gerichtsluyden, ter executie sullen geleyt worden als sententiën, overgiften ende vrywillige condemnatiën, ende dat de hypotheecken ende verbintenissen, 82. gedaen voor erfpachteren, sullen blijven als van outs. 75, 148, IX. Oock werden bestendigh gehouden opdrachten, hypo38, 196. theecken ende verbintenissen, gedaen in huwelijcks-voorwaerden ende maegescheyden.

Tit. XXII

Een erflater mag zijn broeders en zusters onterven, doch deze mogen niet worden voorbijgegaan ten voordeele van een eerlooze.

189. XX. Broeders ende susters konnen werden onterft sonder oorsaeck, doch soo in haer plaetsé gesteldt was een eerloos mensch, of indien het goedt anders aen een eerloos mensch vermaeckt was, soo soude den voorby gegaene broeder of suster bevoeght zijn over sulcke dispositie als inofficieus te klaegen, ende te eyschen voor haer het geene aen soodanigh eerloos mensch vermaeckt is.

Tit. XXIII.

Zijn er geen descendenten, dan vererft het vermogen in de opgaande lijn (8). — Representatie strekt zich in de zijlijn niet verder uit dan ten bate van broers- en zusters-kinderen (14).

178. VIII. By gebreck van descendenten versterven des overledens goederen op sijn vader ende moeder, ende, soo geen van beyde in leven is, op desselfs grootvaders ende grootmoeders, ofte overgrootvaders of -moeders, ende soo voorts. 174, 178. XIV. Repraesentatie en heeft in de zijdtlinie niet verder plaets als tot susters en broeders kinderen, sulcks dat de kindts-kinderen van des overledens broeders of susters tot desselfs nalatenschap niet konnen komen neffens hare oomen, moeyen, outomen of outmoeyen.

Voordeel (22—24).

177. XXII. De vader sal trecken de voordeelgoederen van sijn soon, ende de moeder de voordeelgoederen van haer dochter.

177. XXIII. Den outsten broeder de voordeelgoederen van sijnen overledenen broeder, ende generalick de outste collaterale mannelicke bloetverwant de voordeelgoederen van den overledenen man, soo hem van 's vaders zijde bestaen hebben.

Sluiten