Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ARTIKEL 98

36

Intusschen lijdt de practische beteekenis van het vooraf gaande, op zichzelf juiste betoog van Noyon belangrijke beperking door de overweging dat ook mededeeling aan één persoon soms reeds openbaar making kan beteekenen. Zoo bijv. aan een reporter zonder afdoende verzekering van geheimhouding.

Onder „in handen spelen" verstaat de memorie van toelichting het zijdelings verstrekken door tusschenkomende personen; met de opneming van deze woorden is dus voorkomen elk beroep op de omstandigheid dat niet rechtstreeks is medegedeeld aan de mogendheid zelf.

Daarnevens zijn niet uitgesloten andere wijzen van zorgen dat iets ter bestemde plaats komt, bijv. door inlichtingen heimelijk te doen sluiten in den omslag van door de regeering aan die eener buitenlandsche mogendheid gerichte stukken.

Voor het in handen spelen zal bewezen moeten worden de bedoeling tot verstrekking aan de mogendheid te wier behoeve ontvangen wordt.

2. Er is bier niet een misdrijf dat slechts door een ambtenaar gepleegd kan worden; iedereen is strafbaar, mits wetende dat de geheimhouding door het belang van den staat geboden wordt. De wetenschap kan door het opleggen van geheimhouding verkregen worden; dan is niet meer dan dit noodig; maar anders moet de dader ook inzicht hebben gehad in den aard der door hem gedane mededeeling en het verband tusschen haar en het belang van den staat; hij moet haar politieke belangrijkheid dus kunnen doorgronden.

Dit alles kon trouwens ook vereischt zijn indien de wetenschap niet bepaaldelijk was gevorderd, daar het deel uitmaakt van datgene waarop het opzet gericht moet zijn.

3. De eigenlijke beteekenis van openbaar maken of mededeelen van berichten en inlichtingen is het openbaar maken of mededeelen van ontvangen berichten of inlichtingen. In zooverre is het artikel

denkbeeld van publiceeren verbindt, 3°. omdat bij de beraadslagingen geenszins aan openlijk bekend maken gedacht is. Maar in de aangehaalde artikelen is slechts sprake van eenige wijzen van openbaarmaking; het argument aan het taalgebruik ontleend berust m. i. op geen enkelen grond; ik zie niet in waarom openbaar maken van inlichtingen hetzelfde zou zijn als aan iemand inlichtingen mededeelen; en in de Tweede Kamer werd niet over openbaar maken maar over opzet gesproken. De door deze schrijvers gemaakte tegenstelling met § 92 van het Duitsche strafwetboek is alzoo eveneens onjuist; öffentlich bekannt machen is niet bekannt machen, öffentlich, maar machen dasz etwas ëffentlich bekannt wird.

Sluiten