Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

187

ARTIKEL 141, 142.

van iets van groote waarde (bepaaldelijk ook van kunstwaarde) niet tot strafverzwaring aanleiding zou kunnen gevenx).

Echter dwingen de woorden der wet tot bevestigende beantwoording. Beschadiging wordt nu eenmaal van vernieling onderscheiden, daarenboven kan ook de aard der handeling in aanmerking komen; vernieling geeft nu blijk van meer misdadigen wil dan enkele beschadiging, al kan de laatste soms in concrete meer materieel nadeel veroorzaken.

11. In den eersten tekst behelsde het artikel nog de bepaling: poging tot dit misdrijf is niet strafbaar.

Ofschoon bij de toehchting van artikel 57 van het ontwerp der Staatscommissie voor de redenen voor uitzonderingsbepalingen als deze verwezen werd naar die op de speciale artikelen, bleef haar vermelding bij artikel 156 (thans 141) achterwege. Het blijkt dus niet waarom poging hier niet strafbaar zou zijn.

De Commissie van Rapporteurs uit de Tweede Kamer zag geen reden waarom individueele poging niet strafbaar moet wezen, maar hchtte haar stelling niet verder toe, terwijl de Minister, ook zonder reden te geven, aan de bedenking der Commissie toegaf. Achtte men dus de collectieve poging in geen geval strafbaar? Het schijnt zoo, ofschoon ik niet kan inzien waarom. De collectieve poging toch bestaat in de poging der gezamenlijke individuen, zooals het geweld met vereenigde krachten bestaat uit de geweldplegingen der verzamelde personen.

Het is niet ondenkbaar dat de handeling der gansche menigte vóór hare voltooiing verijdeld wordt Poging is dus aanwezig voor eiken deelnemer wiens handeling geen voltooid geweld oplevert, voor hem bijv. die een steen opneemt maar in het werpen verhinderd wordt. De enkele omstandigheid dat de steen, ofschoon geworpen, niet treft zal aan de individueele handeling niet haar karakter van voltooide geweldpleging ontnemen.

Artikel 142.

Hij die opzettelijk door valsche alarmkreten of signalen de rust verstoort, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee weken of geldboete van ten hoogste zestig gulden.

1. Dit artikel kwam in het ontwerp niet voor; daarentegen werd

Polenaar en Heemskerk, aanteekening 10. Het door hen ook gebezigde voorbeeld van een handeling waardoor iets wegraakt is minder jnist, omdat het artikel opzet vordert.

Sluiten