Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ARTIKEL 155.

230

zich aan eenige bedriegelijke handeling schuldig maakt of van de voorwaarden afwijkt,

1. Bij het onregelmatige tweegevecht worden op hem die zijn tegenpartij van het leven berooft of haar eenig hchamehjk letsel toebrengt de bepalingen omtrent moord, doodslag en mishandeling toegepast.

Deze bepaling gaf in de Tweede Kamer aanleiding tot een korte discussie, die trouwens niet tot een praktische uitkomst leidde.

De heer Van de Werk oordeelde de bepaling niet zeer duidelijk. Hij stelde de vraag of hier nu de gewone bepalingen omtrent het duel buiten toepassing bhjven dan wel alleen de geringere straffen van artikel 154 door die op mishandeling, doodslag en moord worden vervangen.

Terecht antwoordde de Minister dat de vraag in eerstbedoelden zin beantwoord moet worden; er is toch in artikel 155 niet sprake van de strafbepalingen maar van de bepalingen omtrent mishandeling, enz.

Maar de opmerking door het kamerlid aan zijn eerste vraag vastgeknoopt dat, hoe men de zaak ook beschonwe, onregelmatigheid in de strafposities ontstaat, is niet weerlegd en kon ook niet weêrlegd worden. In het geval van artikel 154, regelmatig tweegevecht, wordt, wanneer lichamelijk letsel is toegebracht, gevangenisstraf tot een jaar opgelegd; gebeurt hetzelfde in het onregelmatige tweegevecht, dat de wetgever met een ongunstiger oog beschouwt, dan kan in plaats van (trouwens hoogere) gevangenisstraf volgens artikel 300 ook met geldboete worden gestraft

Er is intusschen nog meer onregelmatigs, waaraan bij de vermelde discussie niet is gedacht

Het tweede, het derde en het vierde hd van artikel 154 kunnen worden toegepast ook zonder dat van opzet bij het toebrengen van hchamehjk letsel of levensrooving blijkt (zie aanteekening 3 op artikel 154); moeten echter de bepalingen omtrent mishandeling of doodslag (moord waarvoor voorbedachte raad noodig is, hier nu ter zijde gelaten) worden toegepast, dan zal het opzet moeten bewezen worden. Er staat toch niet dat bij onregelmatig tweegevecht mishandeling of doodslag geacht wordt aanwezig te zijn of dat de dader met de straffen, op die misdrijven gesteld, gestraft wordt, maar dat de bepalingen omtrent die misdrijven worden toegepast, dus dat ook wordt nagegaan of de elementen van die misdrijven aanwezig zijn.

Bij gemis van aanwijsbaar opzet kan er dus straffeloosheid zijn bij onregelmatig tweegevecht wegens hetzelfde dat strafverhooging medebrengt bij het regelmatige.

Sluiten