Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

345

ARTIKEL 185.

zonder opzet trouwens niet denken; het zich niet verwijderen door schuld is een onbestaanbaar begrip. Dan is echter ook noodig dat het bevel tot den bevolene is doorgedrongen. Dit laatste wordt ook in de memorie van toehchting uitdrukkelijk gezegd; er blijkt echter niet waarom dan ook duidelijkheidshalve niet evenals in artikel 186 van opzettehjk zich niet verwijderen gesproken is.

Moet nu de dader ook weten dat hij die het bevel geeft is het openbaar gezag of dat hij die het bevel overbrengt dit. doet van wege dat gezag? De strekking van het artikel noopt redelijkerwijze tot het bevestigend antwoord, in zooverre als de oorsprong van het bevel hem behoort bekend te zijn of bekend gemaakt te worden, niet, in zooverre als hij niet kan beweren dat hij den gever van het bevel niet erkent als het bevoegde gezag of den, overbrenger als bevoegd tot het overbrengen.

Het artikel vordert overigens niet dat de dader geweten heeft dat hij zich bevond in een terechtzitting of op een plaats waar een ambtenaar in de rechtmatige uitoefening van zijn bediening werkzaam is. Zoodanige wetenschap behoeft niet noodzakelijk geacht te worden wanneer de wet niet bepaaldelijk tot het aannemen van de noodzakelijkheid van haar bestaan dringt.

Er is uit geen enkel oogpunt bezwaar tegen dat hij die ergens opschudding veroorzaakt terwijl zijn tegenwoordigheid ter plaatse niet vereischt wordt genoopt wordt heen te gaan alleen omdat hij hindert; hij wiens tegenwoordigheid wel vereist wordt weet ook waar hij zich bevindt en wat daar gedaan wordt *).

6. De opschudding moet veroorzaakt zijn bij een terechtzitting of ter plaatse waar een ambtenaar in het openbaar in de rechtmatige uitoefening van zijn bediening werkzaam is.

„Terechtzitting" zal m. i. volgens de ratio van het artikel niet mogen worden opgevat in den beperkten, technischen zin, dien het in de Wetboeken van burgerlijke rechtsvordering en van strafvordering heeft Het moet hier omvatten elke gelegenheid waarbij een met rechtspraak belast staatsorgaan de aan die rechtspraak onderworpenen te woord staat, ook als die in de terminologie van een bepaalde regeling als „raadkamer" mocht zijn aangeduid.

Er moet dus reeds een terechtzitting zijn of de ambtenaar moet reeds werkzaam zijn. Ten onrechte paste daarom de Rechtbank te Groningen artikel 185 toe op het geval dat iemand opschudding verwekte, en toen daarop en daarom de Burgemeester ter plaatse verscheen, aan diens bevel tot heengaan geen gehoor gaf. Hier was

!) Anders Polenaar en Heemskerk, aanteekening 4, Simons II, no. 748.

Sluiten