Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

289

ARTIKEL 345.

had mogen deelnemen; door dit te doen is hij toegetreden, en het misdrijf voor zooveel van zijn handelingen afhangt voltooid.

Noodig is ook niet dat bedongen is dat de bijzondere voordeden slechts zullen worden genoten indien het accoord wordt aangenomen l).

Het bedingen staat geheel op zich zelf en wordt strafbaar door een bepaalde omstandigheid.

6. Het eerste lid van het artikel is beperkt tot den schuldeischer, in tegenstelling met artikel 344 dat, ofschoon dikwijls op schuldeischers toepasselijk, hun qualiteit als zoodanig niet als element van het misdrijf kent. Het gevolg is dat hij die voor den schuldeischer handelt hetzij als gemachtigde, hetzij als voogd of curator, hetzij ds bestuurder van een vereeniging, naamlooze vennootschap en derg., niet in de strafbepaling van het artikel valt, in tegenstelling ook met hetgeen bepaald is bij het tweede lid omtrent bestuurders of commissarissen. Nevens den schuldeischer had hier ook zijn wettige vertegenwoordiger genoemd moeten worden.

Of de schuldeischer voor wien zijn gemachtigde gehandeld heeft strafbaar is, hangt af van de positie die hij tegenover da handelingen van dien gemachtigde inneemt. Voor handelingen, bepaaldelijk door hem opgedragen, is hij voorzeker verantwoordelijk; een algemeene machtiging tot optreden in het faillissement zonder specificatie maakt daarentegen niet verantwoordelijk voor de uitvoering. Wanneer de gemachtigde enkel de overeenkomst gesloten heeft, is het toetreden tot het accoord weder de eigen daad van den schuldeischer, die toetreedt op grond van een wel zonder zijn voorkennis gesloten maar door hem goedgekeurde overeenkomst, zoodat gezegd kan worden dat hij de bijzondere bij die overeenkomst toegezegde voordeden bedongen heeft. Deze vraag moet m. L bevestigend beantwoord worden. Het gebruik maken van hetgeen een ander gedaan heeft is wel niet hetzelfde als het doen van wat nu die ander deed, maar de schuldeischer heeft hier meer gedaan; door de toetreding tot de gemaakte overeenkomst, de ratihabitie daarvan kan hij gezegd worden voor zich zelf bedongen te hebben. Beter ware intusschen geweest, ook in verband met het in aanteekening 3 gezegde, dat in plaats van „waarbij hij bijzondere voordeelen heeft bedongen" gesteld was: waarbij hem bijzondere voordeden zijn toegezegd.

De gemachtigde die voor zich voordeden bedingt om namens zijn lastgever tot het accoord toe te treden is niet strafbaar als

l) Rechtbank Alkmaar 23 Januari 1923, N. J. 1923, 1343.

Sluiten