Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

397

ARTIKEL 418, 419.

heeft men toch ook hier te doen met strafbare feiten door middel van de drukpers gepleegd. Het geschrift of de afbeelding moet van dien aard zijn dat het gemeen maken door den druk en de uitgave of de verspreiding een strafbaar feit oplevert; zie aanteekening 7 op die artikelen *).

Vergelijking van de artikelen 418 en 419 met 53 en 54 leidt tot de gevolgtrekking dat de uitgever of drukker dien zijn handeling tot medeplichtinge maakt gestraft wordt met ten hoogste twee derden van het maximum der op het hoofdmisdrijf gestelde straf, terwijl hij volgens artikel 418 en 419 soms lichter (wat rationeel ia) maar soms ook zwaarder gestraft kan worden dan wanneer hij daarenboven nog medeplichtige was, bijv. bij smaadschrift: bij medeplichtigheid maximum van twee derden van een jaar, zonder medeplichtigheid maximum van een jaar.

2. Over geschriften die een overtreding opleveren zie aanteekening 8 op artikel 53 en 54.

3. Hier is sprake van niet meer dan uitgeven of drukken .van een geschrift of een afbeelding van strafbaren aard; wetenschap omtrent dien aard van het geschrift wordt voor de strafbaarheid van den uitgever of den drukker niet gevorderd.

4. Ofschoon in hoofdzaak hier gelijke vereischten van strafbaarheid zijn gesteld als bij artikel 53 en 54, leveren het verschil ten aanzien van het standpunt door den wetgever tegenover het misdrijf ingenomen en de daarmede samenhangende redactie der beide bepalingen ook voor die vereischten eenig verschil op.

De artikelen 53 en 54 bepalen dat de uitgever of de drukker als zoodanig niet als deelnemer vervolgd wordt indien de dader of de lastgever bekend is of op de eerste aanmaning na den rechtsingang (thans nadat tot het instellen van een gerechtelijk vooronderzoek is overgegaan) genoemd wordt, en dat deze bepaling niet toepasselijk is wanneer de dader of de lastgever op het tijdstip der uitgave niet vervolgbaar of buiten het rijk in Europa gevestigd was.. Daarbij is ondersteld dat de uitgever of de drukker een strafbaar feit (misdrijf) heeft gepleegd.

Hier daarentegen bestaat het strafbare feit eerst wanneer of de niet bekende dader of lastgever niet bekend gemaakt wordt, of zoo hij wel bekend is of bekend gemaakt is de uitgever of de drukker

1) Den aard van het geschrift betreft niet het feit dat door de uitgave eens anders auteursrecht geschonden wordt, daarbij is alleen de inhoud betrokken; Hooge Raad 29 April 1895, W. 6647.

Sluiten