is toegevoegd aan uw favorieten.

De afstammingsleer en de tegenwoordige stand der natuurwetenschap. Wijsgeerige gegevens voor het ontwikkelingsvraagstuk. Theologische inleiding op het evolutie-vraagstuk

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den mensch of man, kan op zich genomen wel zoo verstaan worden, dat zij de evolutie voor het lichaam niet uitsluit, maar de woorden „de vorming der eerste vrouw uit den eersten man" doen dit zeker en duidelijk wél. En daar nu niemand er aan denken zal voor Adam evolutie en voor Eva onmiddellijke vorming door God aan te nemen, kan men redelijkerwijze niet ontkennen dat het antwoord der BijbelCommissie voor de vorming der lichamen van de eerste menschen alle evolutie uitsluit.

Nu heeft de pauselijke Bijbel-Commissie geen onfeilbaar leergezag; dat heeft alleen de Paus, zelf, wanneer hij persoonlijk en dan met alle intensiteit van zijn gezag optreedt. Maar de Bijbel-Commissie heeft toch, evenals .sommige romeinsche congregatiën, krachtens uitdrukkelijke verklaring van Pius X z.g. een ambtelijk leergezag. Wijl zij door den Paus gesteld is, om in diens naam de katholieken den weg te wijzen in de vraagstukken, die de h. Schrift en hare verklaring betreffen, zijn wij katholieken in geweten verplicht ons aan hare uitspraken te onderwerpen. We mogen derhalve zeker niet uiterlijk door woord of geschrift ingaan tegen hare uitspraken, zoolang die gehandhaafd blijven. En we behooren bovendien, volgens de gezonde opvatting, ons ook innerlijk overtuigd te houden, dat deze Bijbel-Commissie, al kan ze absoluut gesproken in dwaling vervallen, feitelijk niet gedwaald zal hebben, toen zij hare uitspraken gaf1). — Zulk eene onderwerping is niet onredelijk. Hoe dikwerf onderwerpen we in profane dingen ons eigen oordeel aan het oordeel van vakmannen, van wie ze zeer goed weten dat ze dwalen kunnen, maar van wie we om wille hunner kunde en voorzichtigheid aannemen,

i) Ziehier het voorschrift van Pius X aangaande de decreten der Bijbelcommissie: »Declaramus in praesens expresseque praecipimus, universos omnes conscientiae obstringi officio sententiis pontificalis Consilii de Re Biblica ad doetrinam pertinentibus, perinde ac decretis s.s. Congregationum a Pontifice probatis, se subjiciendi, nee posse notam turn detractatae obedientiae tum temeritatis devitare aut culpa propterea vacare gravi quotquot verbis scriptisve sententias has impugnent". Motu proprio van 18 Nov. 1907.

114