is toegevoegd aan uw favorieten.

Horatius' Oden en epoden

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

xvini, xx.

LIBER II.

73

Tu, cum parentis regna per arduum Cohors Gigantum scanderet inpia, Rhoetum retorsisti leonis Vnguibus horribilique mala,

Quamquam choreis aptior et iocis 25 Ludoque dictus non sat idoneus Pugnae ferebaris; sed idem Pacis eras mediusque belli.

Te vidit insons Cerberus aureo

Cornu decorum, leniter atterens 30 Gaudam et recedentis trilingui Ore pedes tetigitque crura.

XX.

Non usitata nee tenui ferar Penna biformis per liquidum aethera Vates, neque in terris morabor Longius, invidiaque maior

Vrbes relinquam. Non ego, pauperum 5 Sanguis parentum, non ego, quem vocas, Dilecte Maecenas, obibo, Nee Stygia cohibebor unda.

Iam iam residunt cruribus asperae

Pelles et album mutor in alitem 10

cische Bacchanten uit den stam der Bistones. — fraude = damno. — 81. per arduum: de Giganten stapelden, bij hun bestorming van den Olympus, den Pelion op de Ossa. — 83. Bacchus hielp daarbij in leeuwengestalte de Goden. — 88. medius (e. gen. evenals péeoc), evenzeer geneigd tot. — 88. insons h. 1. onschadelijk. — Cerberus, ad II, 13, 31; Bacchus bracht nl. zijne moeder Semele uit de onderwereld naar den hemel terug (vgl. ad I, 17, 23). — aur. cornu dec., als symbool van overvloed en kracht. — 30. atterens, sc. tibi.— XX. Voorgevoel vnn oneterfel\jken dichterroem! (De Venusijnsche Zwaan!) — (2 + 1) + (2 + 1) Strophen. — In 23 v. Chr. gedicht. — Metrum I. —

1. nee tenui - densa, valenti. — 8. Vlg. Aristoteles gingen de zielen der dichters na hun dood io zwanen over en bleven ook in deze gedaante de gave van het gezang behouden; biformis vates: als dichter (bij mijn leven) en zwaan (na mijn dood). — 3. vates, ad I, 1, 85. — 4. longius, poet. voor diutius. —