Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8

INLEIDING.

Gemeente.

vs. 9—10. Nu bleef hij er minstens 18 maanden. Hij begon met aansluiting te zoeken bij de Synagoge, ziebl. 7. Sommigen uit dien kring voegden zich bij hem, Ha. 18 : 4—8, Rm. 16 : 21 v.; 1 Ko. 7 : 18, 9 : 20, 12 : 13, maar de tegenstand van de overigen dreef hem uit tot de heidenen met wie hij zich bezig hield in de wonig van Justus naast de Synagóge. Paulus doopte zelf alleen het gezin van Stéfanas, benevens Crispus en Gajus, Rm. 16 : 23, 1 Ko. 1 : 14—16, 16 : 15. Het is de vraag, of het als arbeiders rondtrekkende echtpaar A'quila en Priscilla nog door hem moest gewonnen worden. Wellicht waren ze reeds [Christenen. De verdrijving van de Joden uit Rome, waardoor dit echtpaar naar Korinthe kwam en het stadhouderschap van Gallio over Achaje hebben aan de geleerden houvast gegeven om den tijd van Paulus' leven nauwkeuriger te bepalen. Hoe zij, toen ze eenmaal de twee vaste profils geslagen hadden, de juiste grenzen konden afbakenen, doet niet ter zake. Voor al wat hier ballast zou wezen, verwijs ik den lezer naar mijn Bijbelsch Kerkelijk Woordenboek, Groningen, Den Haag, 1920.

Een aanklacht van de vijandige Joden bij den stadhouder tegen Paulus deed hun meer kwaad dan hem, Ha. 18 : 12—18. Deze stadhouder, Gallio, heette, voordat hij door een ander aanzienlijk man tot zoon werd aangenomen Annaéus Novatus. Hij was de broeder van den beroemden wijsgeer Séneca. We mogen aannemen, dat de gemeente werd gevormd uit de verschillende elementen, die we te Korinthe kennen, en slechts voor een klein deel uit Joden. We krijgen den indruk, dat het meerendeel behoort tot de kleine luijden in tegenstelling met sommige andere plaatsen, waar de Handelingen meermalen doen uitkomen, dat aanzienlijken werden toegebracht, 1 Ko. 1 : 26 v. Overal in de Paulinische brieven wemelt het trouwens van namen, die men bij voorkeur aan slaven gaf. Sommigen hebben daaruit de al te krasse gevolgtrekking afgeleid, dat het Christendom uitsluitend een beweging van proletariërs zou zijn. In Korinthe was zeker hun getal groot. Wanneer in een stad als deze een gemeente wordt gevormd, drukt dat op haar een stempel. We zijn met recht tegenwoordig gewoon, zoowel in onze gemeenten als op de zendingsvelden te letten op den volksaard, de mentaliteit van een streek. Vooral te Korinthe vraagt deze alle aandacht. Wanneer het evangelie uit een chaos als daar een kosmos doet ontstaan, is dat een meesterwerk of liever een werk Gods. Men moet er niet gering van denken,als zwervelingen, avonturiers, slaven, havenarbeiders en dergelijken met eenige aanzienlijker personen als Stéfanas, Crispus, Gajus, Erastus, Fébé, wellicht ook Sósthenes tot een geordend geheel worden samengevoegd, Ha. 18 : 8, 17, Rm. 16 : 1, 21, 1 Ko. 1 : 1, 26, 7 : 21—23, 11 : 21—33. Sneller nog dan de nieuwe stad was de nieuwe gemeente opgekomen. Het laat zich denken, dat bij de Joden nog het Joodsche, bij de Heidenen nog oude zienswijzen, bij de ongeregelden nog sporen van het verleden

Sluiten