is toegevoegd aan uw favorieten.

De maagd van Neurenberg

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

QO

het nemen van den maat van den diadeem, even Ginevra's lokken beroerden, doorvoer haar daarbij een lichte siddering; de hand die haar maar even had aangeraakt, kenmerkte den man: een slanke, nerveuse, blanke, buigzame kunstenaarshand, het karakter van haar bezitter getrouw wêergevende.

„Gij geeft u wel veel moeite voor mij, messire", sprak Ginevra, een langen blik naar hem opslaand.

„Een genoegen voor mij, edele jonkvrouw. Hoewel goudsmid-juwelier, behoorde ik eigenlijk schilder te wezen. Zie ik dus iets wat mij bekoort . . ."

„En ons is het aangenaam met een kunstenaar als gij zijt te onderhandelen," viel de graaf hem in de reden, tevreden over de nulde die zijn dochter ten deel viel.

„Wat hebt ge daar een keurig wapen, meester Edelsberg; veroorloof mij dat ik het van naderbij beschouw."

Manfred gespte den dolk los en terwijl hij het wapen den graaf toereikte, zeide hij: „als er mijn naamletters niet opstonden, zou ik hem u aanbieden. Maar nu het wapen u bevalt, zullen wij er u een eenderen ver-