is toegevoegd aan uw favorieten.

Wet van den 17den Augustus 1878, S. 127, tot regeling van het Lager Onderwijs zooals deze wet nader is gewijzigd en aangevuld, met enkele verdere wetten en wetsbepalingen, aanteekeningen, besluiten ter uitvoering en alphabetisch register

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 91 —

Art. 77

weigeren of nalatig zijn de vorenbedoelde opgaven, mededeelingen of inlichtingen te verstrekken, worden gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van ten hoogste / 300.

3. Hij, die opzettelijk eene onjuiste opgave, mededeeling of inlichting, als in dit artikel bedoeld, verstrekt of opzettelijk tot de verstrekking meewerkt, wordt: gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar.

4. De bestuurders of houders van bijzondere scholen, die buiten noodzaak onderwijs doen geven of geven dat, in strijd met het leerplan, niet voldoet aan de in artikel 60, eerste lid, gestelde eischen, worden gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of geldboete van ten hoogste / 300.

5. De in het tweede en vierde lid van dit artikel strafbaar gestelde feiten worden als overtredingen, de in het derde lid bedoelde als misdrijven aangemerkt.

Art. 75. Voorschriften omtrent de uitvoering der artikelen 60 tot en met 74 worden door Ons gegeven bij algemeenen maatregel van bestuur.

Deze voorachriften zijn gegeven bij_ be-: sluit van 5 December 1905, S. 314, gewijzigd bij besluit van 22 November 1911, S. 344 '

TITEL IV.

Van de akten van bekwaamheid tot het geven van lager onderwijs.

Art. 76. De bevoegdheid tot het geven van lager onderwijs wordt verkregen door het afleggen der in deze wet omschreven examens.

Art. 77. De akten van bekwaamheid zijn :

a. die, waarvan het bezit de bevoegdheid verleent tot het geven van huisen schoolonderwijs in de vakken, vermeld in artikel 2 onder a—i, en tevens bevoegdheid kan verleenen tot het geven van huis- en schoolonderwijs in een der vakken of in beide vakken, genoemd onder j en k in artikel 2 der wet;