is toegevoegd aan uw favorieten.

Scheepvaart verordeningen I

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Haven- en ankeragegelden.

111

Zij is verschuldigd zoodra het schip of vaartuig in de haven of op de reede is aangekomen.

Voor de toepassing der bepaling van het vorig lid wordt een schip gerekend in de haven of op de reede te zijn aangekomen, wanneer het daarbuiten is ten anker gekomen krachtens vergunning of bevel der bevoegde macht of in opvolging van een voorschrift, dat het liggen binnen de haven of de grenzen der reede verbiedt.

De belasting is gedurende zes maanden na het tijdstip van aankomst niet op nieuw verschuldigd, ook al komt het schip of vaartuig gedurende dat tijdvak in of op meer dan ééne der in artikel 1 bedoelde havens of reeden, of meermalen in of op dezelfde haven of reede aan.

Art. 3. De belasting is niet verschuldigd:

a. van schepen, welker inhoud niet meer dan zestig kubieken meter bedraagt;

b. van binnenschepen, die bij uitzondering buiten de tonnen varen;

c. van visschersvaartuigen, uitsluitend tot het vangen van visch, tripang en schelpdieren, of tot het vervoeren van deze en andere zeeproducten gebezigd wordende. •

De belasting is mede niet verschuldigd, indien blijkt, dat de aankomst van het schip of vaartuig niet tot doel had het drijven van handel en dat geen handel gedreven is.

Indien blijkt, dat er handel gedreven is, is de belasting verschuldigd, te rekenen van het tijdstip van aankomst, bedoeld in het tweede lid van artikel 2

Voor de toepassing van het vorig