Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Art. 2 —

8

s Lands verdediging, vormen gezamenlijk den landstorm.

Art. 2. 1. Tot den landstorm behoort (1), behoudens het bepaalde in artikel 16 :

1°. a. ieder, die van den dienst bij de militie is vrijgesteld, hetzij wegens broederdienst, hetzij wegens aanwezigheid van in hetzelfde jaar geboren broeders of halfbroeders, hetzij tijdelijk of voorgoed wegens kostwinnerschap of wegens het verkeeren in een bijzonder geval;

6. ieder, die heeft deelgenomen aan de loting voor de militie en niet is aangewezen om daarbij te worden ingelijfd ;

2°. o. ieder, die na volbrachten dienst bij de militie of bij de landweer uit den dienst is ontslagen ;

6. ieder, niet vallende onder a, die gediend heeft bij de zeemacht, het korps mariniers en de marine-reserve hieronder begrepen, bij het leger hier te lande, het reserve-personeel bij de landmacht hieronder begrepen, bij de gouvernementsmarine in Nederlandsch-Indië of bij de koloniale troepen en bij het verlaten van den dienst gevestigd is binnen het Rijk, in het Duitsche Rijk of in het Konmkrijk België, of zich bij of na het verlaten van den dienst daar vestigt;

3°. ieder, die daarbij overeenkomstig artikel 8, derde lid, is toegelaten tot eene vrij willige verbintenis.

(1) Met uitbreiding van deze bepaling, in verband met de Ov rgangsbepaling dezer wet, zijn geleidelijk bij verschillende wetten en besluiten nog vers heidene nieuwe groepen van personen landstormplichtig gemaakt. Zie daarover de laatste aanteekening op dit artikel en de daar opgesomde wetten en besluiten.

Sluiten