is toegevoegd aan uw favorieten.

Tekstuitgave van enkele crisiswetten (met bijlagen)

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

60e

16. (1) Be commissie kan getuigen of deskundigen hooren, die vrijwillig voor haar verschijnen. '

(2) De oproeping van deze getuigen of deskundigen, voor zoover ze niet door belanghebbenden zijn meegebracht, geschiedt door den secretaris.

17. (1) De commissie kan een of meer harer leden opdragen de zaken te onderzoeken, voordat deze door haar worden beslist.

(2) Zij kan voorts een of meer harer leden opdragen een plaatselijk onderzoek in te stellen of getuigen of deskundigen te hooren. Zij kan dezen leden den secretaris of een van diens beambten toevoegen.

18. (1) In alle zaken doet de voorzitter hoofdelijk rondvraag, te beginnen met het jongste lid in leeftijd. Zelf brengt hij het laatst zijn advies uit.

(2) Ieder aanwezig lid is verplicht zijn advies uit te brengen.

19. Alle beslissingen worden genomen bij meerderheid van stemmen.

20. Indien de commissie het wenschelijk acht nadere regelen betreffende de vervulling van haar taak vast te stellen, doet zij dit bij een huishoudelijk reglement. Dit behoeft de goedkeuring van Onzen Minister, die zorg draagt, dat het goedgekeurde reglement bekend gemaakt en ten kantore der commissie, tegen betaling der kosten, in afschrift verkrijgbaar gesteld wordt.

21. Indien een beroepschrift niet voldoende mededeelingen bevat, stelt de secretaris den verzoeker in de gelegenheid het beroep aan te vullen. De secretaris of een van diens beambten is hem daarbij, voor zooveel noodig behulpzaam.

22. De secretaris is bij de zittingen der commissie tegenwoordig. Hij houdt aanteekening van hetgeen aldaar verhandeld wordt, met vermelding van den zakelijken inhoud' van de verklaringen der door de commissie gehoorde personen.

23. (1) De secretaris bewaart het archief der commissie en is daarvoor persoonlijk verantwoordelijk.

(2) Hij houdt afschrift van de uitgaande brieven.

(3) In geval van opheffing van eene commissie van beroep draagt de secretaris zijn archief over aan Onzen Minister.

24. (1) Op schriftelijke aanvrage geeft de secretaris schriftelijke inlichtingen betreffende uitspraken der commissie.

(2) Bij iedere aanvrage moet den secretaris een bedrag van 50 cents worden betaald voor ieder beroep, waaromtrent inlichtingen worden gevraagd.

(3) De bepalingen van artikel 12 vinden overeenkomstige toepassing.

25. (1) De secretaris houdt een register van de uitspraken der commissie.

(2) In dit register wordt, ieder onder een