is toegevoegd aan uw favorieten.

De wijnwet

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BIJLAGE A. — Art. 12. Boeten en straffen.

113

Art. 12. De hierna vermelde overtredingen worden gestraft als volgt (1—2):

a. het in werking hebben of brengen van eene fabriek van inlandschen wijn, zonder voorafgaande aangifte overeenkomstig art. 1 dezer wet, met eene boete, ten laste van den bezitter der fabriek, van vijf honderd gulden en verbeurte van de aanwezige werktuigen; onverminderd de betaling van den accijns voor den voorraad sappen en aftreksels (2—4);

b. het onjuist of onvolledig invullen der aangifte, bedoeld bij art. i, met eene boete, ten laste van den aangever, van twintig tot twee honderd gulden;

e. het maken van sappen of aftreksels van vruchten in eene fabriek, waarvoor aangifte is gedaan volgens art. 1, doch zonder aangifte volgens art. 3, met eene boete, ten laste van den fabrikant, van honderd tot drie honderd gulden; onverminderd de betaling van den accijns voor die sappen en aftreksels (4);

d. het verrichten van werkzaamheden met afwijking van eene aangifte, ingeleverd volgens art. 3, met eene boete, ten laste van den fabrikant, van tien tot honderd gulden (5);

e. het uitslaan van sappen of aftreksels in strijd met art. 8, met eene boete, ten laste van den fabrikant, van vijftig tot drie honderd gulden; onverminderd de betaling van den accijns voor die sappen of aftreksels (4);

/. het verrichten van hetgeen verboden, of het niet nakomen van hetgeen voorgeschreven is bij art. 1, laatste alinea, art. 2, art. 3, laatste alinea, art. 5, tweede alinea, art. 6 of art. 7, met eene boete, ten laste van den fabrikant, van tien tot twee honderd gulden, onverminderd zwaardere straffen bij de wetten bedreigd (6).

Ten aanzien der straffen, bij dit artikel bepaald, zijn van toepassing art. 463 van het Wetboek van Strafrecht en art. 20 der wet van 29 Juni 1854, (Staatsblad no. 102) (7).

1. De in dit artikel opgenomen strafbepalingen vervangen die van art. 42, lett. d, en art. 43 der wet van 20 Juli 1870, S. no. 127.

In navolging van andere accijnswetten zijn thans de overtredingen die kunnen voorkomen, meer gesplitst vermeld, met bepaling van verschillende straffen naar mate van het gewicht der zaak. Mem. v. T.

2. In Weekblad no. 2519 wordt de vraag gesteld of bij bevinding van een niet aangegeven belastbare inlandsche wijnfabriek de strafbepaling van art. 1 der wet V. v. V. no. 640 (a) toepasselijk zou zijn en niet die van art. 12a der wet van 1878, op grond van de omstandigheid, dat eerstgemelde strafbepaling de zwaarste straf behelst (art. 55, le hd Sr.).

De Redactie komt in haar antwoord tot de volgende, o. i. juiste conclusie:

„In art. 12a wet 1878 wordt verboden:

„Het in werking hebben van een fabriek van inlandschen wijn, derhalve het bereiden van inlandschen wijn, met uitzondering van fabricage in een aangegeven fabriek van inlandschen wijn.

„Wet V. v. V. no. 640 verbiedt: Bereiding van eenige alcoholische vloeistof, waar ook, behalve in de daar genoemde uitzonderingen, waaronder is te brengen een aangegeven inlandsche wijnfabriek.

De Wijnwet. 8