is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuw complimenteerboek

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

110

dan heeft men weinig eer van de moeite, die men zich te zijnen aanzien geeft; is hij minder dom of onnoozel dan men denkt, dan loopt men licht gevaar het voorwerp te worden van zijn spotternij en van zijn grofheden; is hij goedaardig en gevoelig, dan krenkt men hem dieper dan men zelf eigenlijk wel wilde; is hij valsch en wraakzuchtig, dan vergeeft hij het ons niet gemakkelijk en zal hij ons benadeelen waar hij slechts kan. Hoe dikwijls kan men niet, wanneer het publiek op onze oordeelvellingen afgaat, een anders inderdaad goed mensch benadeelen, somwijlen zelfs zijn gansche geluk ondermijnen, of iemand die niet veel zielskracht bezit zóó neerslaan, dat alle eergevoel in hem uitgedoofd en alle kiemen van het goede in hem worden gedood, wanneer men hem door het doen uitkomen van zijn ons belachelijk toeschijnende zijden, prijsgeeft aan bespotting en verachting.

De waarlijk edele en fatsoenlijke man zoekt dus ook dezulken, die bloode of weinig bedreven in het gezellig onderhoud zijn, daaraan te doen deelnemen, hen aan te moedigen om, hoe gering ook hunne talenten zijn, die aan het genoeglijk verkeer dienstbaar te maken, en door vriendelijkheid en zachtheid hun geloof aan eigenwaarde op te wekken en te versterken. Overigens is de taal der wellevendheid altijd verplichtend; men moet nooit iets zeggen wat een ander onaangenaam of hinderlijk zou kunnen zijn; de toon waarop men spreekt moet zacht en innemend wezen, en tot vertrouwelijke toenadering uitlokken, terwijl men door een gepasten, spaarzamen lof aan den dag legt dat men gaarne eens anders verdiensten wil erkennen.

E. UITDRUKKING, TOON EN VOORDRACHT.

Onder de eerste vereischten voor goeden levenstoon behoort ook een zuivere, juiste uitspraak en een krachtige welluidende stem. Hoe menigmaal ge-