is toegevoegd aan je favorieten.

De wetten op de vermogensbelasting en verdedigingsbelasting I

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

304

het vruchtgebruik eerst opeischbaar zal worden bij haar overhjden. De H. R. heeft uitgemaakt, dat haar vermogen thans bestaat uit:

volle eigendom : de thans aanwezige baten (effecten),

nu waard f 95,000.

belast met de contante waarde der schuld van

f50,000 geschat „ 34,000.—

dus: f 61,000 —

vruchtgebruik: de contante waarde dier vordering

geschat op f 34,000.—

Bij de schatting van het in vollen eigendom af te trekken bedrag bhjft de gegoedheid der weduwe buiten beschouwing; bn de schatting' der voiriering in vruchtgebruik moet echter wèl rekening worden gehouden met de gegoedheid der debitrioe.

Volgens deze leer moet de aangifte aldus geschieden: 21h effecten f 95,000.—

I. andere vorderingen „ 34,000.

f 129,000.—

28. volle eigendom f 95,000.—

Andere schulden „ 34,000.—

f 61,000.—

29. Vermogen in vrachtgebruik f 34.000.— belastbare waarde 32 % = » 10,880.—

Zuiver vermogen . . f 71,880.—

Deze opstelling gaat uit van de gedachte, dat de weduwe een zakehjk recht van vruchtgebruik heeft van een vordering ten laste van zich zelve. Dat schijnt mij onjuist: zij heeft enkel eigendom, belast met een schuld, die eerst bij haar overhjden opeischbaar wordt1. Deze beschouwing vindt steun in een later arrest, gewezen in verband met de toepassing van art. 94 wet ï. B. 2. Daarom meen ik de volgende wijze van aangifte te mogen aanbevelen:

» Zie ook v. d. Brugge, W. D. B. 2928 en reohtsvr. in W. P. N. R. 3267 p 336.

2 Arrest 13 Jan. 1926, B. B. 3760, W. P. N. B. 2980.