Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

468

ring in het gewicht van het schip gaat dus vergezeld van een zelfde

verandering in de waterverplaatsing. Om dus dit aantal tonnen te

berekenen, hebben wij de formule:

, . oppervlakte der waterlijn in vt3 X Vi?

tonnen per duim = — ———

35

oppervlakte der waterlijn in vt3 420

Wanneer dit aantal tonnen per duim voor eenige diepgangen is berekend, maakt men een verticale schaal voor den diepgang en een horizontale schaal voor het aantal tonnen. Vervolgens trekt men uit de diepgangen, waarvoor de oppervlakte der waterlijnen is berekend, horizontale lijnen en past op deze horizontale lijnen (volgens de schaal der tonnen) de berekende tonnen per duim af. Door de aldus gevonden punten trekt men een strookende kromme lijn. Deze kromme lijn is de kromme van tonnen per duim indompeling.

De tonnen per duim indompeling worden dikwijls overgebracht op de verticale schaal, waardoor dan de laatste uit 5 kolommen bestaat. Men spreekt dan van een volledige schaal van waterverplaatsing.

Het gebruik Hoewel het practisch gebruik van de schaal van waterverplaat

ran de schaa van water¬

verplaatsing

van de schaal sing, na het voorgaande, feitelijk geen verklaring meer noodig heeft, van water- , j , , , lïrÜL'ï tlï 1 -j

Kunnen uc voigenue vuoruceiuen amcui nei nui ervan uuiaeiiiic

maken.

Stel b.v. dat het schip, waarvoor de schaal van waterverplaatsing op bladz. 466 is voorgesteld, moet laden op een plaats, waar het slechts tot op 20' diepgang kan afladen. Er wordt nu een opgave gevraagd van het aantal tonnen lading, dat kan worden overgenomen.

Wij vinden tegenover 20' diepgang een doodgewicht van 5420 tonnen, maar dit is natuurlijk niet het aantal tonnen lading, dat kan worden ingenomen. Om dit te vinden trekt men van deze 5420 tonnen af het gewicht aan brandstof, proviand, drink- en voedingwater, dat men bij het vertrek aan boord denkt te hebben.

Bij het afladen van het schip wordt korten tijd voor het vertrek opgave 'gevraagd van het aantal tonnen lading, dat nog kan worden afgescheept. Het schip ligt gemiddeld 28' 2" diep, terwijl op het zomermerk, d.i. gemiddeld 28'.7" geladen mag worden.

Het antwoord wordt het gemakkelijkst gevonden met behulp van de kolom „tonnen per duim". Dit aantal is op bovengenoemden diepgang 45,8 en dus kan men nog 5 X45,8 ton = 229 ton lading overnemen.

Sluiten