is toegevoegd aan uw favorieten.

De rechtsphilosophie en de juridische vakwetenschappen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

5.

Rede van Prof. Mr. Dr. R. KRANENBURG over

„De rechtsphilosophie en de juridische vak-wetenschappen''.

Mijnheer de Voorzitter,

De belangstelling in de rechtsphilosophie is, de oprichting van deze vereeniging en haar groot ledental is er mee een bewijs van, in de laatste jaren sterk groeiend. Dat is een merkwaardig verschijnsel. Hoe is het te verklaren ?

Waarschijnlijk wel goeddeels uit den stand der juridische vakwetenschappen zelve. In het schrijven, waarmee de oprichters zich het vorige jaar tot de Nederlandsche juristen hebben gewend, stellen zij op den voorgrond, dat de tijd, waarin de beoefening van het recht scheen op te gaan in de bestudeering van de wetboeken, van de commentaren daarop, meer of minder systematisch geordend, en van de beslissingen der rechtsprekende colleges, die onder vigeur van die wetboeken werden gegeven, wel afgesloten is. Inderdaad, men zal moeten erkennen, men komt er daarmee niet meer.

Alles scheen een tijdlang in de rechtswetenschap goed te gaan, beter te gaan dan ooit — zonder rechtsphilosophie. Alles scheen zoo goed verdeeld.

Door de bijzondere takken der rechtswetenschap, het burgerlijk recht, het handelsrecht, de burgerlijke rechtsvordering, het strafrecht, de strafvordering, het staatsrecht, het administratief recht, en het volkenrecht scheen het geheele gebied der juridische wetenschap al volkomen ingenomen, zoodat er dus geen plaats, was voor een afzonderlijke tak van rechtsstudie, die men zou kunnen noemen de „wijsbegeerte van het recht". Elk van die takken der rechtswetenschap zou zijn eigen onderdeel zoo volledig mogelijk hebben te onderzoeken,