is toegevoegd aan uw favorieten.

Hoe te prediken voor heidenen en Mohammedaan

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

io7

taalgeleerde eigenlijk onmisbaar, om te leeren naar deskundig voorschrift materiaal te verzamelen, maar niet minder om te leeren hoe van het h o o r e n zich een taal eigen te maken. Onze taalstudie is de bestudeering van geschreven letterkunde, van schrifttaal. Aan bestudeering van spreektaal worden heel andere eischen gesteld. Bij 't eerste doen vooral de oogen dienst, bij 't laatste voornamelijk het gehoor. En ook dit kan methodisch geoefend worden, zooals wij boven reeds aanduidden.

Dit gedeelte willen wij niet sluiten zonder nog op het groote belang gewezen te hebben, dat een zendeling onder

stud. te Leiden, dank. Het bedoelt volstrekt niet een volledige opsomming te geven, maar noemt een aantal zendelingen, die iets geleverd hebben voor de kennis van de een of andere Indonesische taal. J. M. van Baarda bewerkte het Galelareesch en het Loda'sch op Halmahera, J. A. van Balen het Windessisch op Nieuw-Guinea, Ph. Bieger gaf Javaansche volksverhalen, G. L. Bink een woordenlijst van het Jotefa'sch en van het Wandammen op Nieuw-Guinea, S. Coolsma bewerkte het Soendaneesch, W. M. Donselaar gaf lijstjes Rottineesche woorden, R. van Eek bewerkte de Balineesche taal, A. van Ekris gaf woordenlijsten van de Ambonsche eilanden, J. Fortgens bijdragen tot de kennis van het Sahoe'sch op Halmahera, Dr. A. Hardeland bewerkte het Dajaksch, J. L van Hasselt en N. Rinnooy gaven boekjes tot het aanleeren van het Noefoorsch de eerste ook een woordenboek der Noefoorsche taal, F. J. F. van Hasselt bewerkte de Noefoorsche spraakkunst en verdere Noefoorsche gegevens, II. Hendriks het Boeroesch van Masarete, A. Hueting het Tobeloreesch, P. Jansz het Javaansch, M. Joustra het Karo-Bataksch, P. ten Kate zette een eerste schrede op Napoesch taalgebied, J. Kats bestudeerde het Javaansch, H. Klinkert bewerkte het Maleisch, J. Kreemer leverde bijdragen tot de kennis van het Javaansch, A. C. Kruyt gaf een schets en een woordenlijst'van de Baree'taal, S. Luinenburg deelde een en ander mede over het Javaansch, C. Poensen werd hierin hoogleeraar en gaf o. a. een Javaansche spraakkunst, N. Rinnooy schreef een Maleisch-Kissersche woordenlijst, J. A. T. Schwarz verzamelde zeer veel van het Tontemboansch, waarvan hij o. a. een lijvig woordenboek uitgaf, H. van der Spiegel leverde bijdragen tot de kennis der Madoereesche taal, Dr. K. G. F. Steller nadere bijdragen tot de kennis van het Talaoetsch, H. Sundermann bewerkte het Niassisch, J. de Vroom gaf bijdragen tot de kennis van het Balineesch, D. H. Wielinga bewerkte het Soeinbaneesch, J. K. "Wijngaarden een Savoeneesche woordenlijst, P. N. Wilken met Schwarz de taal van Bolaang-Mongondou, terwijl P. N. Wilken ook een en ander over het Tomboeloesch gaf. De hier genoemde bijdragen zijn niet alle van gelijke waarde, maar er zijn verscheidene bij die blijvende beteekenis bezitten. Daarenboven mag niet vergeten worden, dat hier veelal pioniersarbeid ook op taalgebied verricht wordt en het dikwijls het moeilijkst is, de eerste schreden op een nieuw taalgebied te zetten.