is toegevoegd aan uw favorieten.

Onwaarheid in wissels

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

106

Zoo is dan ook door verscheiden m.i. minder juiste antwoorden, die in het algemeen wel overeenstemden, schijnbaar zulk een eenstemmigheid bereikt, dat op de conferentie zelf deze vraag als zijnde reeds beslist, geen punt van verschil meer heeft uitgemaakt. Immers de meeste dier antwoorden luidden eenvoudig ontkennend, lieten dus daar, waaronder die supposition dan wèl een regeling zou moeten vinden. De communis opinio scheen geweest te zgn, dat deze supposition ,voor zoover ze nog kon plaats grijpen (nu verdichting van plaatsverschil niet meer zou voorkomen), onder de algemeene regelen van burgerlijk- en strafrecht zou blijven vallen, terwijl natuurlijk alle overige geldige handteekeningen (de meeste landen omhelsden hierin volkomen het Duitsche standpunt) haar kracht zouden blijven behouden. Maar waarom dan niet ronduit gezegd: verdichting behoeft geen nadere regeling omdat ze valt onder valschheid; immers ook daar zouden alle geldige handteekeningen haar waarde behouden, terwijl degene die het nadeel moet lijden, tenslotte burgerrechtelijk verhaal op den falsaris heeft, en natuurlijk hef strafrecht steeds toepasselijk blijft.

Ben eigenaardige verklaring geeft Witkop *): een moderne wet zou zich slechts behoeven te bemoeien met een wissel die formeel in orde is. Daarom liggen zaken, als het plaatsen van gefingeerde namen, buiten haar regeling. De wet late dit aan de vrije overeenkomst (sic!) der betrokken personen over. Daargelaten nog, of in het algemeen het standpunt van Witkop juist is, dat de wet uitsluitend het formeele in den wissel behoort te regelen, kan terecht de vraag worden opgeworpen: Waarom dan ook de valschheid niet aan de vrije overeenkomst overgelaten? Is bij een valsche handteekening de wissel niet evenzeer formeel in orde, daar toch immers alle formeele vereischten aanwezig zijn? Dit argument schijnt mjj daarom verwerpelijk toe.

Slechts zeer enkele landen hebben het m.i. juiste stelsel direct of indirect aanvaard. Aldus Oostenrijk en Hongarije, wier antwoorden nog des te belangrijker zijn, omdat daaruit blijkt dat ook zij de begrippen valschheid en verdichting door elkaar halen:

') „Eenheid van wisselrecht" bL 401.