Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Over de liturgische kleuren zie onder „Handboeken" [61], [60] en onder: „Kerk en Altaar": Nieuwbarn [1480]. Verder: Malais, [1444] Des couleurs liturgiques, Dieppe, 1879. Wickham Legg, [1445] History of the ecclesiastical coulors, London, 1882.

Jos. Braun, S. J., [1446] Weiss als liturgische Farbe in der vorkaro-> lingischen Zeit, in: Z. K. T. 1901, dl. 25, blz. 155—164; — [1447] Zur Symbolik der liturgischen Farben, in: Z. C. K., dl. 14, col. 185—192; en verder boven [1434].

Over de liturgische vaten en bijbehooren zie o. a.: Braun boven [1434]; — Hefele [31], Otte [94], Kleinschmidt [93], Jakob [92]: allen onder „Handboeken"; — Raible [434] en Hertkens [442] onder „Eucharistie".

J. C o r b 1 e t, [1448] Essai historique et liturgique sur les ciboires, Par.. 1858.

B. Kleinschmidt, O. F. M., [1449] Geschichtl. Entwicklung der eucharistischen Opfergefasse, in T.Q.S. (Linz) 1901, blz. 821 etc; — [1450] Kelch und Patene im christi. Alterlum, in: T. Q. S. (Linz), 1900, blz. 53 etc, 801 etc; — [1451] Corporale und Palla, in: P. B. 1899. dl. 11, blz. 454 enz.

N. F. R o b i n s o n, [1452] Concerning three eucharistie veils of Western use, in: „Transactions of the St. Paul's Ecclesiological Society", vol. VI, bid. 129—160, London, 1908,: een goede bijdrage tot de geschiedenis en liturgische archeologie over: corporale, kelkvelum en humerale. Geïllustreerd.

N. N., [1453] Her wasschen der Palla's in: N. K. St., 1906, blz. 377—378.

K. L ü b e c k, [1454] Die liturgischen Gerate der Griechen, in: T. G. 1913 blz. 441—454: opsomming en korte bespreking.

F r. W i 11 e, [1455] Thuribulum und Navikula in ihrer geschichtl. Entwicklung, in: Z. C. K. 1910, No. 4—6.

Over den miskelk zie ook: Schreiber [1488] onder „Kerk en Altaar".

Bock, [1456] Ueber die christi. Messkannchen, in: „Mitteil. der k. k. Zentralkommission", IX, blz. 1—39.

170*

Sluiten