is toegevoegd aan uw favorieten.

De oude waereld : het land van Zarathustra : romantisch epos uit Oud-Perzië benevens het boek der toelichtingen

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE SCYTHEN

81

maal, o Koning, wil ik mij voor u met het gelaat ter aarde werpen, zoo ik niet vreesde dat mijn waarschuwend en onverderflijk woord voor valsche nederigheid en kruiperij wierd gehouden. Want ik ben één juichende eerbied, als het stille fonkelen van een tempelbel. De Alleenheerscher kan hem minachtelijk met de voeten wegtrappen, tóch smeekt hij zijn broeder onder aanroeping van Ahura en de heilige Amshaspands, die den Schepper omkringen, zich niet roekeloos het leven te benemen.

Artabanus verklaarde al klemmender, dat de wilde plundervolkeren der witte en eindelooze steppen, die goud groeven onder de sneeuw uit, en schoon onzaalge veehoeders met de beenderig-gele platneuzige gelaten, zich toch alléén bevredigd voelend door zieke roof-hebzuchtigheid, door brand en verwoesting, nergens waren vast te grijpen, wijl deze Zavolhanische horden geen vluchtelingen noch aanvallers, maar sluwé terugwijkelingen bleken, die hun vijanden lokten met listbeleid, verwarden, lieten verdwalen in hun afgestorven oorden, hun grauwgele nevelzee; heten uitputten van angst, kommer en voedselgebrek. Hadden honger en wanhoop de afgebeulde garnizoenen en troepen eenmaal gelitteekend en uitgemergeld, de soldenieren vermurwd door heimwee en ten halve