is toegevoegd aan uw favorieten.

Leden-contracten

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

79

blijkt daaruit dat die groep een eenheid is, dus dat de samenwerking tusschen de leden dier groep van dien aard is, dat de personen tot een geheel zijn samengevoegd en dus een veeleenigheid zijn gaan vormen. Dan blijkt dat men sprekend over het bestaan van rechtspersonen, slechts aanduidt het feit dat veeleenigheden van personen aan het rechtsverkeer deelnemen.

Dat nu, zooals boven gezegd werd, velen gemeend hebben de vereeniging-rechtspersoon anders dan als veeleenigheid te moeten opvatten, is m. i. toe te schrijven aan de rechtspersoonlijkheidstheorieën waardoor zij zich lieten leiden. Sommige theorieën komen n.1. in hun streven het optreden als rechtspersoon te verklaren, tot voorstellingen die niet meer in overeenstemming zijn met de feiten ter welker verklaring de theorie is opgesteld.

Zoo ziet men theorieën, die bij het optreden der groep zoozeer worden getroffen door het feit dat deze een eenheid is, dat zij daardoor de samenstellende veelheid geheel uit het oog verliezen en zich zoodoende de rechtspersoon als geheel zelfstandige eenheid afgescheiden van de leden gaan denken. (Aldus de leer van VON SAVYGNY; GlERKE S leer zooals die door velen wordt opgevat, terwijl' vermoedelijk ook in BRINZ'S leer van het doelvermogen de leden als derden tegenover den rechtspersoon zullen staan.) Daar nu bij de meeste contracten die een rechtspersoon sluit, hij voorv zich als eenheid bedingt en zich aldus verbindt, bleek deze opvatting van den rechtspersoon in de praktijk meestal wel bruikbaar. *) Maar toen men uitgaande

') De moeilijkheid rees dan pas wanneer bij sommige contracten die de rechtspersoon met het accent op zijn eenheid sloot, toch weer zichtbaar werd hoe die contracten ten voordeele van de leden strekten.