is toegevoegd aan uw favorieten.

De haringvisscherij van 1795 tot 1813

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

92

1806 Van De Rijp gingen vier schepen uit, waarvan de reeders niet genoemd worden.

De bemanning voor do schepen van Zwartewaal, Delfshaven en Enkhuizen werd te Vlaardingen beëedigd.

De teelt liep zonder ongelukken af. In het geheel kwamen 89 schepen in aanmerking van een subsidie van ƒ 500.— Die som, in totaal ƒ 44.500.— werd den reeders in het begin van het volgende jaar uitbetaald.

Zoo bleef de Regeering, niettegenstaande haar groote financiëelc moeilijkheden, de haringvissseherij op zeer te waardecren wgze steunen.

Nog een belangrijke gebeurtenis had in het midden van het jaar te Vlaardingen plaats gehad. Het was een dikwijls voorkomend verschijnsel, dat door onderlinge concurrentie en andere oorzaken bij den verkoop van de haring, niet die prijzen werden gemaakt, als mogelijk Was bij een goede samenwerking. Een geldelijk verlies, soms van groote beteekenis, was daarvan het gevolg. Andere financiëelc tegenslagen werden in dien tijd ook vaak geleden door het geven van een te groot crediet aan de kooplieden; wat dikwerf nog uitliep op een totaal verlies door het bankroet van den debiteur.

De reeders te Vlaardingen meenden, dat zeer zeker thans het oogenblik gekomen was tegen de twee genoemde euvelen krachtig op te treden en dat was alleen mogelijk door een algémeénc samenwerking. Den 24n juli teekenden een vijftal reeders ten overstaan van notaris Pieter Verkade een contract, dat een grooto wijziging in de manier van den haringverkoop bracht en tevens een regeling om met goed succes tegen de slechte betalers op te treden. In de eerste plaats werdén negen commissarissen benoemd, die het bestuur Of de directie zouden voeren. Het waren Abraham v. Linden v. d. Heuvell. Hendrik Lnidwftffïi'. Linden v. d. TTeuvell. Tan de Willigen. Tennis Brobbel en Hendrik Pieter van Heü=t. én deze laatste optredende voor zoo wat alle boekhouders van Vlaardingen.

In de eerste plaats werd overeengekomen dat alle harmer, die door de schepen van contractanten werd aangebracht, zou worden verkocht door een commissie van negen leden, uit hun midden benoemd. Bit Johan Öeorge Betz, Jan de Willigen, Tonnis Brobbel, Jacob Drossaart, Pieter Wjjnen, Abraham v. Linden v. d. Heovell, Jneob den Baars, Pieter v. d. Drift on Gerardus Vriens Lambz. Deze com-