Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Kom, kom, geen ruzie," kwam moeder tusschenbeide. „Truusje, eet netjes je bord leeg en Johan moet niet zoo plagen."

Zoo was Paul Randon de eerste dagen het onderwerp van veler gesprek, en oordeelende naar de mededeelingen der kinderen, geloofden ook de ouders, dat het bestuur een goede keuze deed.

Het duurde echter niet lang of de eerste praatjes luwden en hij werd als een bekend inwoner van het dorp beschouwd. Eiken dag zag men hem viermaal hetzelfde wegje gaan, van huis naar school, en van school naar huis en altijd beantwoordde hij eiken groet op vriendelijk innemende wijze. Hij voldeed op school aan de voorgestelde verwachtingen.

De hoofdonderwijzer was meermalen onverwacht zijn lokaal binnen gekomen en had zich steeds verwonderd over de orde, die er heerschte, en zag op - welk een tactvolle wijze Randon met de kinderen omging, die hem stipt gehoorzaamden en hem tevens lief kregen.

„Ik geloof, dat wij het uitstekend getroffen hebben met Randon," zei hij tegen Van Ooit, die als eerste onderwijzer op den meest vertrouwelijken voet met het hoofd stond.

Ja," stemde deze toe, „en de kinderen houden al van hem, niettegenstaande hij tamelijk streng is."

„Staan De Wal en Van Bovenkamp ook op goeden voet met Randon?"

»Ja — ik geloof 't wel, maar ik heb er met hen nog niet veel over gesproken. Ik meen, dat Van Bovenkamp hem wat eenzelvig vindt"

„Och, ze kennen Randon nog zoo kort, om een juist oordeel over hem te vormen. Van Bovenkamp is daar altijd zoo vlug mee," vond de hoofdonderwijzer.

8

Sluiten