is toegevoegd aan uw favorieten.

De predikantsvrouw

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

NOOD IN DE PASTORIE. XII

zelfs zóó aan gewend geraakt, dat ge den toestand soms niet eens meer als een misstand beschouwdet, maar als iets heel gewoons, als iets dat nu eenmaal zoo hoort, en dat wel nooit anders zal worden, 't Is best mogelijk, dat ge boos op me wordt, omdat ik dit hier thans zoo openlijk neerschrijf, maar nu iedereen het tóch weet, laat men dan nu gerust de voVe waarheid hooren, anders valt, nu de oorlog voorbij is, heel de goe-gemeente wéér in slaap en gij zijt nog even ver als voorheen.

Gij hebt zoo lang naar anderer leed geluisterd, en het uwe altijd diep begraven; roep nu uw herinnering wakker en spreek vrij uit — neem den menschen den blinddoek van de oogen....

Ja, toen ge op uw dorpje kwaamt, hoe verheugde u toen het uitzicht van de pastorie — die vrije blik op de uitgestrekte weiden, waar buurman's beste melkkoeien graasden! Maar na verloop van enkele jaren, neen, toen kondet gij er haast niet meer naar kijken, vooral niet als het melktijd was, en de knechts en de meiden met inspanning van alle krachten de volle emmers huiswaarts droegen.... En gij liept met uw geëmailleerd liter-kannetje door 't huis, en uw kleine bleekneusjes hieven dan als dorstige poesjes de blonde

krullekopjes omhoog en vroegen om wat melk wat

deed het dan 't moederharte pijn, wat kostte het een moeite met geveinsde opgewektheid te zeggen: „morgen, dan krijgen jelui weer, hoor, maar voor vandaag is alles al opper-de-pop" !

118