is toegevoegd aan je favorieten.

Greet Hemming

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

314

teerd, een half gestorvene, dat Julia zekere nooit gekende deernis in zich voelde opzachten. Verschrikkelijk toch, zóó gepassionneerd te zijn als Diana, zoo 't slachtoffer van je gestel, je zelf. Arme meid 1 Maar dat ze zich daar niet tegen kon verzetten. Bah, zij Juha wilde niet langer 't slachtoffer zijn van haar verdriet, zij had genoeg geleden om.... nou ja.... om dien lammen jongen. En nu was 't uit, hoor, nu zóu 't uit zijn. Alsjeblieft, 't Leven was nog rijk en mooi. En zij had Jan Tonijn, die toch veel minder lobbes was gebleken dan waarvoor zij hem in het begin hield. Want ook na Greets vlucht, had hij flink opgesproken voor Greet, en gezegd hoe hij hoopte dat Greet nu eens verstandig zou zijn en nóóit terugkomen. En zat Greet in nood, zij kon Op zijn beurs rekenen. Toch wel erg mooi van Jantje Tonijn. Hoewel woest jaloersch op Greet, had het Julia oprechtelijk goed gedaan te zien hoe mannelijk Johan daar stond tegenover pa. En zelfs voor haar, Julia, was hij bij die gelegenheid streng geweest. En zijn oogen hadden haar toegèglinsterd hard, vol gram, omdat zij altijd zoo onbillijk was geweest voor arme Greetje. Haar onbillijkheid kon Juha niet voelen, maar Johans flinkheid beviel haar. En zij had werkelijk veel moeite moeten doen hem weer lief en vriendelijk te krijgen, ergo in zijn normalen toestand. Julia was een van die vrouwen die nu en dan een oorvijg van een goeden man moeten hebben, om hem naar waarde te schatten. Neen, voor geen geld zou ze haar engagement afmaken en als oude jongejuffrouw sterven, dat het ze over voor Lucie, en Diana, als die beter werd. Dan maar mevrouw Tonijn. Zij, Julia, Was tèn minste gekozen. En zij dacht nu reeds niet meer in medelijden aan Diana, terwijl ze zich naar beneden spoedde, waar Lucie, alleen met Theodoor en Dirk, deze de blijde boodschap verkondigde. Deze heeren, met hun gewone pocherige aanstellerij van over niets verwonderd kunnen zijn, proestten even heel schraperig, met stijf gesloten monden. „Aha....." zei Dirk.... „Dus 't zal zijn; mevrouw Hemming-Hemming."

„Nou...." zei Theodoor wijs-kalm, de handen in de zakken, terwijl zijn hart pijn deed van het oude onheelbare wee om Sophie, „jullie ziet eenvoudig, menschen, dat ik goed gezien heb. Juul, jij moest noodig zoo opstuiven. Ik zeg niet dat de snuiter veel deugt, en of ze 't op den duur met elkaar vinden is de kwestie, maar in elk geval is 't n bóf voor Greet. En voor onzen naam is 't n massa beter." Hij knikte veelbeteekenend, de onderlip naar voren.

„Dat is 't zeker," bepeinsde Dirk, „want de lui hebben natuurlijk toch gekletst. Gisteren vroeg me de oudste Werkhof nog naar Greet, met zóó'n raar glimlachje, dat ik de vent gewoon op z'n bakkes had kunnen geven. Gréét geëngageerd. Valt de hémel niet op de aarde? Zég?"